Wetenschap

Balanceren tussen openheid en gezonde argwaan

Wat te doen als begaafde Chinese onderzoekers, met korte lijntjes met het Chinese leger, bij je aankloppen? We vroegen het drie TU’ers. “Politiek zou geen rol moeten spelen.”

Voordat TU’ers met NUDT’ers in zee gaan, spreken ze uitgebreid met de promovendi in kwestie. (Illustratie: Liam van Dijk)

Wat ga je lezen?

  • Drie wetenschappers van de TU Delft vertellen over hun afwegingen tijdens het werken met onderzoekers van de National University of Defense Technolgy, een onderwijsinstelling van het Volksbevrijdingsleger van China.
  • Hoogleraar atmospheric remote sensing Herman Russchenberg (faculteit CiTG) beschouwt de onderzoekers met wie hij samenwerkt niet als militairen.
  • Informaticus dr. Mathijs de Weerdt van de sectie algoritmiek (faculteit EWI) vindt dat je de vraag of samenwerking met Chinese onderzoekers acceptabel is niet aan individuele onderzoekers moet overlaten.
  • Hoogleraar multi-actor systems Alexander Verbraeck (faculteit TBM) slaat graag de handen ineen met NUDT-onderzoekers. “We leren doorgaans meer van hen dan zij van ons. De kwaliteit van de studenten van die universiteit is bovengemiddeld.”

Geld en talent. Beide moet je binnenhalen als je het als onderzoeksleider wilt maken in de wetenschappelijke wereld. Met het schrijven en indienen van een succesvolle subsidieaanvraag voor een promotietraject bij NWO kun je maanden zoet zijn. Hoe aanlokkelijk is het dan om getalenteerde Chinese ingenieurs aan te nemen wanneer zij aan je deur kloppen met een beurs op zak die driekwart van alle kosten dekt?

China geeft jaarlijks duizenden studiebeurzen aan onderzoekers die in het buitenland willen promoveren. Veel jonge Chinezen aan de TU Delft hebben zo’n China Scholarship Council-beurs (CSC), waarmee hun vliegtickets, visum en levensonderhoud gedekt worden.

‘Wij gebruiken radar voor wolkenonderzoek, we houden ons niet bezig met raketten’

Als zich Chinezen melden die getalenteerd zijn, geïnteresseerd zijn in de klimaatwetenschap en wier expertises passen binnen zijn onderzoeksstrategie, hoeft hoogleraar atmospheric remote sensing Herman Russchenberg (CiTG) meestal niet lang na te denken. De groep van Russchenberg doet onderzoek naar radarmethodes om weersvoorspellingen te verbeteren. Radartechnologie is een domein waarin het Chinese leger interesse heeft. Is het verstandig om alumni van NUDT aan te nemen? Die vraag dringt zich extra op als je bedenkt dat sommige van die onderzoekers na hun promotie terugkeren naar de NUDT.

Welke afwegingen maakt Russchenberg, die de afgelopen jaren een promovendus en een postdoc van die universiteit in zijn groep heeft gehad? Ziet hij een spanningsveld? “Ja en nee”, antwoordt hij. “Ik ben iets terughoudender met het aannemen van NUDT-alumni. Maar al ons onderzoek is open wetenschap. We doen niet aan ‘non-disclosure’. Wij publiceren al onze bevindingen. Dat uit het onderzoek een militair voordeel specifiek voor China voortvloeit, lijkt me daarom niet aannemelijk. Daarbij komt dat wij ons niet eens richten op militair inzetbare technologie. Wij gebruiken radar om informatie over wolken te vergaren. Dat is een andere insteek dan radar voor bijvoorbeeld het aansturen en detecteren van raketten. Maar goed, het is natuurlijk zo dat je mensen kennis en vaardigheden meegeeft. Daar kun je je vraagtekens bij zetten.”

Russchenberg beschouwt de NUDT-alumnus die bij hem promoveerde niet als militair. “Het valt in de praktijk mee hoe militair georiënteerd veel onderzoeksgroepen van die universiteit zijn. De NUDT heeft bijvoorbeeld ook een college voor meteorologie en oceanografie. Het is allemaal niet zo zwart wit. Bij TNO wordt ook aan militaire technologie gewerkt. Toch werken we met TNO samen, maar dan niet met de onderzoekers die voor de defensie-industrie actief zijn. We hebben ook weleens studenten van de Nederlandse Defensie Academie die afstuderen aan niet-militaire onderwerpen.”

Staar je niet blind op woorden als ‘militair’ of ‘defensie’ in namen van instituten, wil Russchenberg maar zeggen.

Toch valt de NUDT wel degelijk onder de Centrale Militaire Commissie, het belangrijkste militaire orgaan van China. Defensiespecialist Danny Pronk van Instituut Clingendael liet Delta eerder weten dat je hier niet te lichtzinnig over moet denken. “Als NUDT-onderzoekers werken aan radartechnologie, dan moet je ervan uitgaan dat ze dit doen om daarmee het leger te dienen.”

Over haar militaire karakter doet de NUDT niet geheimzinnig, getuigen de promotiefilmpjes die het naar buiten brengt.

Onder druk gezet met een beurs
Informaticus dr. Mathijs de Weerdt van de sectie algoritmiek pleit voor meer terughoudendheid dan zijn collega. Hij ziet een gevaar in de China Scholarship Council-beurzen, de beurzen waarmee China jonge onderzoekers de wereld in stuurt. Hij vreest dat deze studenten extra onder druk kunnen worden gezet door de Chinese overheid om militair getint onderzoek te doen wanneer ze in China zijn teruggekeerd.

De Weerdt zegt dit met pijn in het hart. Want hij heeft al eens samengewerkt met een NUDT-alumnus met zo’n scholarship, en dat was een positieve ervaring. Hij werkte met de promovendus aan wiskundige formules waarmee planningsproblemen opgelost kunnen worden. Het ging om breed inzetbare algoritmes: denk aan planningsvraagstukken in het verkeer, in de bedrijfsvoering van fabrieken of bij satellietnavigatie.

‘Het beleid was dat dit soort samenwerkingen geen probleem was’

“De samenwerking verliep goed”, vertelt De Weerdt. Voordat hij de promovendus in kwestie naar Delft haalde, deed hij eerst navraag bij de TU zelf. “Het beleid, zowel van onze nationale overheid als de TU Delft, was dat dit soort samenwerkingen geen probleem was.”

Hij vervolgt: “Met de student heb ik een uitgebreid plan voor de inhoud van zijn onderzoek besproken. Ik had daarbij de indruk dat hij — zoals ik ook zou doen —  wel overlegde met zijn promotor, maar eigenlijk de volledige vrijheid kreeg. Ook kreeg ik een beeld van een slimme onderzoeker die wist wat hij wilde en kreeg ik vertrouwen in een goed verloop.”

De Weerdt heeft bewust met de promovendus afgesproken om onderzoek te doen naar toepassingen die niet direct voor het leger bruikbaar zijn. Ook over andere aspecten van het onderzoek heeft hij afspraken gemaakt. Over het publiceren van resultaten, code en onderzoeksdata bijvoorbeeld. “We publiceren alle resultaten. Dat doe ik ook met mijn Hollandse of Europese promovendi. Zo gaat er dus niet meer kennis naar China dan wanneer het onderzoek door een niet-Chinees gedaan zou worden; immers ons beleid is dat van open science.”

Maar toch wringt er iets. “In het vervolg zou ik toch extra nadenken en overleggen voordat ik weer met een CSC-student in zee ga.” Maar eigenlijk vindt hij niet dat dergelijke vraagstukken op het bordje van de individuele onderzoeker zouden moeten belanden.

Overtrokken focus op militaire universiteiten
Hoogleraar multi-actor systems Alexander Verbraeck (TBM) denkt dat de focus op militaire universiteiten overtrokken is. Het maakt volgens hem weinig uit met welk soort universiteit je samenwerkt, militair of civiel.

‘Waar trek je de grens?’

Hij is voorstander van samenwerking en hij slaat graag de handen ineen met onderzoekers van NUDT. “We leren doorgaans meer van hen dan zij van ons. De kwaliteit van de studenten van die universiteit is bovengemiddeld.”

“We houden onszelf voor de gek als we er vanuit gaan dat het veiliger is om samen te werken met non-militaire universiteiten.” De kennis die daaruit voortvloeit kan net zo goed het leger dienen, meent hij. “Het zal alleen op een meer verborgen manier gebeuren.”

Waar de ingenieurs na afloop van hun promotie gaan werken, maakt Verbraeck niet uit. Dergelijke politieke overwegingen zouden geen rol moeten spelen bij het aannemen van onderzoekers, vindt hij. “Als dat gebeurt, kunnen we net zo goed stoppen met het inhuren van internationale studenten en collega’s. Waar trek je de grens? Zouden we dan niet ook studenten uit Iran, Rusland en het Midden Oosten moeten weren?”

Tomas van Dijk

Dit artikel is onderdeel van een verhalenreeks over wetenschappelijke samenwerking met China. Lees ook onze andere verhalen:

  • De Zonen: over hoe de TU Delft het Chinese leger onbedoeld helpt. 
  • De militairen: over Chinese militaire wetenschappers die in Delft kennis komen opdoen voor het Volksbevrijdingsleger.
  • De geschiedenis: over hoe de kijk op samenwerken met China de afgelopen jaren is veranderd.
  • Onze journalistieke verantwoording: het hoe en waarom van ons China-onderzoek. 
Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.