Overslaan en naar de inhoud gaan
China probeert het Nederlandse hoger onderwijs en onderzoek te beïnvloeden, waarschuwt onderzoeksinstituut Clingendael. Onvrijheid in China leidt hier tot zelfcensuur.
Aan de TU Delft stonden op peildatum 1 juli 2020 647 Chinese studenten ingeschreven. (Foto: pxhere)

China probeert het Nederlandse hoger onderwijs en onderzoek te beïnvloeden, waarschuwt onderzoeksinstituut Clingendael. Onvrijheid in China leidt hier tot zelfcensuur.

Read in English

Jarenlang leek China steeds opener te worden, staat in een rapport van Clingendael, maar sinds enkele jaren is het juist omgekeerd. De censuur van de Chinese regering wordt heviger.

De Chinese aanpak leidt tot zelfcensuur bij Nederlandse onderzoekers, waarschuwt het instituut, dat internationale relaties bestudeert. Bepaalde onderwerpen stellen ze niet aan de orde, als die in China gevoelig liggen, bijvoorbeeld de mensenrechten of de herkomst van het covid-19-virus.

Vriendelijke suggesties
Die zelfcensuur wordt aangemoedigd door “vriendelijke suggesties, adviezen of waarschuwingen”, van Chinese collega’s. Maar de Chinese overheid oefent soms ook rechtstreeks druk uit, staat in het rapport, bijvoorbeeld door het weigeren van een visum of het intrekken van financiering voor een onderzoeksproject.

Clingendael wijst op de kernwaarden van de Nederlandse wetenschap, zoals academische vrijheid. “In China, waar onderwijsinstellingen niet onafhankelijk van de Chinese overheid kunnen opereren, academische vrijheden niet gelden, en waar op grote schaal censuur plaatsvindt, zijn deze kernwaarden niet verankerd in onderwijs en onderzoek”, staat in het rapport.

‘Zo lang we open kunnen publiceren, is de problematiek afgedekt’

Ook de TU Delft heeft daarmee te maken. In een eerder interview (24 juni 2019) zei college van bestuurslid Rob Mudde daarover: “Academische vrijheid is een groot goed. Uit eigen ervaring kan ik zeggen dat samenwerken met Chinese onderzoekers juist erg open is. Ik heb zelf met hen gewerkt en wij streefden aan beide kanten naar de academische openheid die wij hier als gewoon ervaren: publiceren, naar conferenties gaan, delen van kennis en aanpak. (....) We moeten niet naïef zijn. China is al snel een concurrent. Aan dit soort landen kleeft dat ze intellectual property niet zo nauw nemen. Zo lang we alles dat we samen doen open kunnen publiceren, heb je de problematiek afgedekt.”

Het blijft moeilijk om rechtstreekse beïnvloeding door China aan te wijzen. Zouden de Confucius Instituten er soms iets mee te maken hebben, die in Maastricht en Groningen zijn geopend? In Brussel is de directeur bijvoorbeeld beschuldigd van samenwerking met de Chinese inlichtingendienst en ook elders moesten de instituten hun deuren sluiten.

Verlengstukken
Het zijn “verlengstukken van de Chinese staat”, schrijven de onderzoekers. De overheid moet daarom oppassen voor politieke beïnvloeding via die instituten. Toch zijn er vooralsnog “geen aanwijzingen dat er politieke beïnvloeding plaatsvindt via de Confucius Instituten tijdens lessen in het hoger onderwijs in Nederland”, stellen ze vast.

De overheid zou daarnaast de invloed van de Chinese ambassade in de gaten moeten houden, die soms Chinese studenten monitort om te kijken of ze zich wel aan de Chinese lijn houden. “Sommige studenten zetten zich in voor een actieve promotie van Chinese beleidsdoelstellingen.”

‘Risicogebieden moeten nauw gedefinieerd worden’

Onlangs nog maakte de Tweede Kamer zich zorgen of de Nederlandse overheid wel alert genoeg is in de samenwerking van het hoger onderwijs en onderzoek met China. Het kabinet zou moeten overwegen om Chinese studenten en wetenschappers net zo te behandelen als Iraniërs en Noord-Koreanen, staat in een unaniem aangenomen motie.

Voor het rapport hebben de Clingendael-onderzoekers met allerlei betrokkenen gesproken. De overheid zou duidelijker moeten zijn over haar inzet, zeggen zij. “De ene partij roept ons op om in te zetten op samenwerking en de andere partij fluit ons terug; dat schept onduidelijkheid.” Ook Mudde zei vorig jaar dat de TU behoefte heeft aan kaders, omdat die nu niet helder genoeg zijn. Risicogebieden moeten wat hem betreft nauw gedefinieerd worden, zodat straks niet alle Chinese studenten of medewerkers ‘door hetzelfde hoepeltje' hoeven springen en onderzocht moeten worden. Bovendien geeft een te brede regeling volgens hem de last dat allerlei interessante samenwerkingsverbanden niet meer mogelijk zijn’.  

Toch zijn er ook radicalere opvattingen mogelijk, aldus Clingendael. “Enkele onderzoekers vinden dat er moet worden nagedacht over de vraag of we in Nederland wel grootschalige institutionele samenwerking met China moeten willen”, staat in het rapport.

647 Chinese studenten
In Delft wordt de onderzoekssamenwerking met China voortgezet. In China is veel geld beschikbaar voor onderzoek, en dat is van belang voor de TU Delft in een wereld waar onderzoeksfinanciering steeds schaarser lijkt te worden, aldus Mudde. “En voor China is het interessant om te werken met een instituut als het onze, omdat ze zo hun mogelijkheden kunnen vergroten. China moet in twintig jaar een positie verwerven waar wij eeuwen over hebben gedaan. Ik begrijp waarom China veel studenten uitstuurt en wil samenwerken. Een universiteit stamp je niet zomaar uit de grond. Daarvoor heb je geschoolde mensen nodig.”

Clingendael stelt dat alle Nederlandse universiteiten samenwerken met Chinese kennisinstellingen op het gebied van onderwijs of onderzoek “in alle takken van de wetenschap”. Het onderzoeksinstituut meldt dat sommige universiteiten “gezamenlijke Chinees-Nederlandse laboratoria in China” hebben. De TU Delft heeft deze Joint Research Centres in China:

  • Het Beijing Research Centre in samenwerking met het Institute of Semiconductor/Chinese Academy of Science op het gebied van solid state lighting zoals led-verlichting.
  • Onderzoek in geo-information met de Wuhan University.
  • Een samenwerking met de South China University of Technology in Guangzhou op het gebied van duurzame en slimme infrastructuur in steden.

Het CBS meldde onlangs dat er zo’n 4.500 Chinese studenten aan Nederlandse universiteiten en hogescholen studeren. Aan de TU Delft waren dat er op peildatum 1 juli 2020 647. Ter vergelijking: Indiase studenten vormen de grootste groep internationals in Delft: 890. In totaal stonden er op 1 juli 23.553 studenten ingeschreven aan de TU.

HOP, Bas Belleman / Saskia Bonger

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe