Campus

‘Voldoende is niet goed genoeg’

Jaren na de Inholland-affaire wordt de hogeschool nog steeds met argusogen bekeken. Er hoeft maar íets te gebeuren, of pers en politiek duiken er bovenop. Jet de Ranitz neemt het roer over. “We hebben veel in huis om op volle kracht vooruit te kunnen.”

Een maand of twee is Jet de Ranitz nu collegevoorzitter van Hogeschool Inholland. “Een spannende hogeschool”, zegt ze in haar kantoor in Den Haag. Inholland heeft vestigingen in negen steden en biedt in alle sectoren opleidingen aan.

De hogeschool komt uit een roerige periode. In 2010 verzeilde Inholland in een diepe crisis, toen bekend werd dat tientallen langstudeerders op dubieuze wijze aan een diploma waren geholpen. Het toenmalige bestuur ging vechtend over straat en ook de raad van toezicht stapte uiteindelijk op. Doekle Terpstra nam het roer over en wat volgde was een enorme reorganisatie: honderden mensen verloren hun baan.

Maar dat is allemaal achter de rug. Op dit moment zit geen enkele Inholland-opleiding in een herstelperiode van onderwijskeurmeester NVAO en uit de nieuwste inschrijfcijfers blijkt dat studenten weer vertrouwen hebben in het onderwijs.

Tijd om naar de toekomst te kijken dus. Over een klein jaar moet er een nieuw plan liggen voor de instelling. Hoe dat er ongeveer uit gaat zien? De Ranitz weet het nog niet. “Ik voer nu gesprekken met iedereen. Dat vind ik belangrijk, het zou raar zijn als ik allang zou weten wat ik wil. Wat ik al wel weet: we hebben veel in huis om nu op volle kracht vooruit te kunnen. Er zijn bijvoorbeeld opleidingen met nieuwe didactische concepten waar andere van kunnen leren. Andere opleidingen hebben weer interessante samenwerkingen met het werkveld.”

De Ranitz was eerder collegevoorzitter van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten. “In de kunsten is alleen het beste goed genoeg, anders red je het niet. In overdrachtelijke zin vind ik dat een goede mentaliteit: voldoende is niet goed genoeg. We willen streven naar een hogere standaard. Dat betekent niet dat dat altijd moet lukken. Het gaat mij er niet om dat iedere student excellent moet zijn, wel dat je streeft naar kwaliteit. In alles wat je doet.”

Nu de basisbeurs verdwijnt, gaat het ministerie extra geld investeren in die kwaliteit. De Ranitz lijkt daar weinig van onder de indruk. “Dat komt ergens in 2020, toch? Wat betreft het extra geld dat Inholland de komende jaren investeert: je héle budget, zou in dienst moeten staan van de kwaliteit van het onderwijs.”

Toch heeft ze wel wat wensen. Kleinere klassen, bijvoorbeeld, goede begeleiding van scholieren bij de studiekeuze, meer hbo-masters en meer praktijkgericht onderzoek. De digitale leeromgeving van Inholland moet bij de tijd blijven.

Wat de toekomst van het hoger beroepsonderwijs betreft, ziet De Ranitz meer ineen combinatie van klassikaal en online onderwijs dan in compleet digitale opleidingen. “Dit klinkt misschien zweverig, maar ik geloof toch dat we mens zijn omdat we persoonlijk dingen aan elkaar overdragen. De massive open online courses zijn interessant, maar die vind ik beter passen bij de onderzoeksuniversiteiten. Als hogeschool gebruiken we digitalisering vooral voor verdieping en herhaling van de stof.Flip the classroom is interessant. Dan komen alle hoorcolleges online te staan en hoeven studenten alleen voor de werkcolleges naar school. Alhoewel, een goed hoorcollege is niet te versmaden.”

Ondanks de positieve oordelen van onderwijskeurmeester NVAO, blijft de affaire uit 2010 De Ranitz achtervolgen. De Tweede Kamer is nog steeds kritisch over de twee Inholland-opleidingen die in 2010 negatief in het nieuws kwamen en eist van de minister dat ze haar op de hoogte houdt van het wel en wee van een groep langstudeerders die hun diploma maar niet halen sinds het eindniveau is verbeterd.

“Daarover past mij geen oordeel”, zegt De Ranitz over de aanhoudende kritiek. Ze begrijpt dat de Kamer zorgen heeft en weten wil hoe Inholland met de langstudeerders omgaat. “Dit is iets waar alle hogescholen mee kampen. Kijk, we kunnen gerust concluderen dat de oplossing die Inholland in eerste instantie bedacht niet de juiste was. We staan de langstudeerders nu zo goed mogelijk terzijde, dat is allemaal maatwerk. Maar uiteindelijk moeten ze wel aan de diplomaeisen voldoen. Ik kan niet iemands scriptie gaan schrijven.”

CV

Jet de Ranitz (1970) is sinds 1 december 2014 voorzitter van het college van bestuur van Hogeschool Inholland. In 2011 werd ze collegevoorzitter van de Amsterdamse hogeschool voor de kunsten, daarvoor was ze onder meer zakelijk directeur van het Nederlands Dans Theater en directeur van de faculteit economie en bedrijfswetenschappen van de Universiteit van Tilburg. Daarnaast heeft De Ranitz diverse nevenfuncties: ze is bijvoorbeeld vicevoorzitter van de Vereniging Hogescholen, bestuurslid van ict-organisatie Surf en lid van de raad van toezicht van de publieke omroep NTR.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.