Overslaan en naar de inhoud gaan
Vlooienmarkt voor oldtimers

Op zoek naar een originele Vespa of een Ferrari uit 1959 in concoursstaat? Je vindt ze op de zojuist gelanceerde klassiekersite van Laurens de Rijke, Caesar Zwolle en Leendert Gravendeel. Op www.thefleamarket.nl geen gebrek aan droomauto’s en –motoren.

“Mijn vader spaart auto’s”, verklaart IO-student Caesar Zwolle zijn liefde voor klassiekers. “En ik werk al jaren bij Maskes, een bedrijf dat oude Vespa’s restaureert", vult Laurens de Rijke (eveneens IO) aan. Laurens en Zwolle ontdekten dat er nog geen online marktplaats bestond waar auto’s en motoren van goede kwaliteit werden aangeboden. Het idee voor een onderneming was geboren. 

“Natuurlijk hebben bedrijven die klassiekers verkopen een eigen website. Op Marktplaats kun je klassiekers kopen. En op een site als Autotrader worden ze aangeboden”, zegt Zwolle. “Maar daar heb je geen enkele kwaliteitsgarantie. Het sterke punt van onze online marktplaats is dat we de kwaliteit reguleren. Het niveau is hoog. Met de auto’s en motoren die via onze site worden aangeboden, rijd je zo weg.”

Op The Flea Market staan niet de minste klassiekers. Een Harley Davidson uit 1917 bijvoorbeeld, met een vraagprijs van een kleine 35 duizend euro. Een Vincent Black Prince, in de jaren vijftig de duurste motorfiets op de markt. Verschillende Aston Martin’s, Ferrari’s en Bentley’s doen tussen de anderhalf en bijna drie ton. “Het hoge segment maar net niet de top, want de meest exclusieve auto’s in de wereld worden vooral aangeboden via veilingen.” 

Niet zomaar iedereen mag adverteren op de site. “Wij zoeken op internet naar klassiekerbedrijven. Dan bekijken wij hun aanbod en besluiten of dit geschikt voor onze site is. Vervolgens maken we een afspraak en bezoeken we het bedrijf om te zien of ze voldoen aan onze verwachtingen op het gebied van kwaliteit, exclusiviteit en het geleverde restauratiewerk,”, legt Zwolle uit. “Het moet ons aanspreken”, vult De Rijke aan. Vrijwel alle bedrijven die ze benaderen reageren positief. In de maand dat The Flea Market online is, hebben vier bedrijven tot samenwerking besloten. Waaronder Maskes, de Vespa specialist waar De Rijke werkt. “Er staan nu zo’n vijftig advertenties op de site”, zegt De Rijke. “Wij bieden onze partners een service waar ze zelf geen tijd voor hebben. Vaak lopen de bedrijven achter op het gebied van internet, wij werken ook aan video-integratie en zijn actief met sociale media, wij promoten de advertenties bijvoorbeeld ook op facebook en twitter.”

Zwolle en De Rijke wilden graag een onderneming starten. “Elke stap, knop en klik op de site zijn bewust bedacht”, zegt Zwolle. “We willen emotie uitdrukken, een klassieker is nu eenmaal emotie. We zoeken continu de grens op tussen esthetiek en functionaliteit. Onze site moet een beleving zijn, waar je vrij intuïtief je weg vindt.” 

Voor de technische uitvoering zochten ze een student informatica die de site kon bouwen. Leendert Gravendeel had er wel oren naar en werkt nu minstens twee avonden per week aan de site. “We zochten iemand die technisch goed is en die ook wil ondernemen, want we hadden geen geld om iemand te betalen”, zegt Zwolle. “Dat zie je wel vaker bij IO’ers. Ideeën genoeg, maar geen netwerk van mensen om die ideeën technisch uit te werken. Laurens kende Leendert van de minor consultancy, daar zaten informaticastudenten tussen met commercieel gevoel.” 

Worden er eigenlijk wel klassiekers verkocht in deze economisch barre tijden? “Jazeker”, weet De Rijke. “Klassiekers zijn waardevast. Vorig jaar was de crisis op zijn hoogtepunt maar zijn er wel heel veel auto’s verkocht.” Zwolle en De Rijke hebben zelfs uitbreidingsplannen. “We gaan internationaal. In Duitsland en het Verenigd Koninkrijk bestaat ook een enorme klassiekermarkt. En we denken over uitbreiding van het aanbod. Naast auto’s en motoren bijvoorbeeld klassieke boten. Zolang het maar onderscheidend is.”

www.thefleamarket.nl

De universiteiten hebben het huidige aantal vooraanmeldingen van studiekiezers vergeleken met het aantal van vorig jaar om deze tijd. De cijfers geven de trend aan, maar zijn weinig nauwkeurig: tot 1 oktober kunnen studenten zich nog inschrijven of afmelden; bovendien schrijven sommigen zich voor twee studies in, terwijl ze er maar één gaan volgen. Dus er kan nog veel veranderen.

Flinke groei zien de universiteiten in de domeinen gezondheid (5,0 procent) en gedrag & maatschappij (7,8 procent). Taal & cultuur (min 6,4 procent) en rechtenopleidingen (min 6,9 procent) lijken dit jaar juist minder populair. De technische opleidingen stonden op het moment van de peiling (9 augustus) tien procent in de min, maar volgens de VSNU is dat al aan het bijtrekken.

Het zou kunnen dat de universiteiten hun groei te laag inschatten, want vorig jaar waren er problemen met de inschrijvingen. Bij de Universiteit Maastricht was iets fout gegaan, waardoor er in de officiële cijfers te veel eerstejaars stonden. Bij hoge uitzondering zijn toen halverwege het collegejaar de officiële instroomcijfers naar beneden bijgesteld, wat voor het landelijke totaal 2,4 procent scheelde. Als die problemen destijds al tijdens de vooraanmeldingen speelden – en als ze nu zijn opgelost – dan zou de groei wellicht 2,4 procent groter kunnen zijn dan de VSNU nu voorspelt.

Maar één ding is zeker, menen de universiteiten: het aantal eerstejaars neemt niet af, ondanks de forse groei van vorig jaar. Ze pleiten nogmaals voor extra investeringen in onderwijs.

In het hbo neemt het aantal eerstejaars studenten juist af met 1,6 procent, wat de forse groei van vorig jaar enigszins corrigeert.

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe