TU Delft Delta
(Foto: Thomas Zwart)

Delftse studenten die een gesprek met een studentenpsycholoog willen, zouden straks een kortere wachttijd moeten hebben dan nu. Er komen tijdelijk twee extra studentenpsychologen.

De TU Delft stelt tijdelijk twee extra studentenpsychologen aan. Per 1 oktober komt er een fulltime psycholoog en per 1 januari 2019 een 0,7 fte psycholoog die een preventieplan gaat opstellen en invoeren. De parttime psycholoog zal niet meedraaien in de spreekuren en behandelingen, tenzij dat noodzakelijk is om grip te krijgen op de problematiek, en wordt voor een jaar aangesteld uit de voorinvesteringsmiddelen.

De studentenraad pleitte vorig jaar al bij het college van bestuur voor extra studentenspychologen. De wachttijden bedroegen toen al acht weken en zijn nu opgelopen naar acht tot tien weken. In april wilde collegelid Rob Mudde niets weten van extra psychologen, wel voelde hij voor voorlichting rond de opening van het collegejaar.

Waarom is Mudde toch van mening veranderd? Door de voortschrijdende discussie over het onderwerp ‘studentenwelzijn’, laat hij desgevraagd weten. Mudde doelt op onder meer op een rapport van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu waaruit hij opmaakt dat het ‘niet de goede kant op gaat met studenten’. Ook had Mudde tijdens een Delta Debate gediscussieerd met een psycholoog over werkdruk. “Het ging bijna uitsluitend over werkdruk bij studenten.” Daarnaast is studentenwelzijn een telkens terugkerend onderwerp bij overleggen met de studentenraad. Zo sprak de raad onlangs met Mudde over een Actieplan Studentenwelzijn dat iets wil doen aan angst- en depressieklachten bij studenten.

Werkgroep cultuurverandering
Extra studentenpsychologen zijn volgens de raad maar een oplossing voor de korte termijn. Op de langere termijn is volgens de raad een cultuurverandering nodig zodat minder studenten naar de psychologen toe hoeven. Daarom wil de sr een werkgroep ‘cultural change’ instellen, die moet kijken naar de huidige cultuur onder studenten, en een plan moet opstellen voor verandering.

Volgens de raad zou de werkgroep moeten bestaan uit studenten en vertegenwoordigers van hun verenigingen en docenten. Het college van bestuur zou daarbij een leidende rol moeten nemen, maar Mudde ziet dat laatste niet zitten. “Een cultuur verander je niet van bovenaf”, aldus Mudde. “Een cultuur wordt gemaakt door mensen die in die cultuur leven.”

Wel wil Mudde meedenken in een kleinschaliger groep vóór en door studenten. “Ik heb ideeën over wat je kunt doen aan het verbeteren van je eigen cultuur, zonder dat je het studentenleven als zodanig de nek omdraait.” Wat de werkgroep volgens hem zou kunnen gebruiken is beschouwers van buitenaf. Wellicht iemand van het voormalige studentenpastoraat Motiv of een antropoloog. “De grote vraag is toch: hoe sta je in het leven en wat betekent dat voor je? Waardenvrij daarover kunnen praten, kan hartstikke nuttig zijn”, aldus Mudde.

De werkgroep kan in ieder geval gebruik maken van een trainee ‘welzijn’ die onder meer gaat inventariseren wat de TU al biedt aan ondersteuning voor studentenwelzijn en welke wensen er nog aanwezig zijn. De trainee zal onder meer komen met beleidsadviezen voor studeren met een functiebeperking.