De slechte arbeidsmarkt in de architectenbranche is merkbaar bij de TU. Bouwkunde heeft het minste aantal eerstejaars bachelorstudenten ooit: 265, blijkt uit een peiling in december.

Dat is ruim een halvering in vergelijking met het topjaar 2009, toen er nog 562 eerstejaars bij Bouwkunde rondliepen. Doordat de onderwijskwaliteit toen in het gedrang kwam, werd daarna besloten een numerus fixus van 450 in te stellen, maar dat aantal eerstejaars wordt sindsdien niet gehaald.

Toch wil de faculteit absoluut niet tornen aan de numerus fixus. Ze wil eerst kijken of studenten die zij voor het huidige collegejaar selecteerde het merkbaar beter doen. “Door selectie krijg je meer gemotiveerde studenten en niet de geflipte medicijnmannen en tandheelkundigen”, zegt directeur onderwijs Christian van Ees. “Ook is de instroom van meisjes hoger.”

Van Ees vindt het lage aantal eerstejaars ‘niet erg’. “Maar het zijn er wel te weinig. Nu is het nog niet van invloed op de financiën, maar over een aantal jaren wel. Graag willen we jaarlijks een instroom van 350 studenten hebben. ”

De Bond van Nederlandse Architecten noemt het goed dat de TU strenger selecteert en zou graag zien dat alle opleidingen bouwkunde een fixus instellen. Die is volgens de bond ‘onafwendbaar’ omdat de arbeidsmarkt nu ‘extreem slecht’ is.

De faculteit vindt deze visie van de BNA ‘behoorlijk bekrompen: alsof de arbeidsmarkt voor afgestudeerden uitsluitend Nederlands is. Bouwkunde is sinds jaar en dag hofleverancier van ruimtelijk ontwerpers die over de hele wereld terechtkomen, en in Nederland ook lang niet alleen op architectenbureaus.’

Volgens Van Ees is er wel werk te vinden, vooral in hergebruik en herontwikkeling van bestaande gebouwen. Daar zal de faculteit tijdens de open dagen nogmaals op wijzen. Bovendien begint zij in september een mastersemester ‘interieur’. “Ik ben er van overtuigd dat daar werk in zit”, zegt Van Ees.

Groei

Studenten kozen vaker voor opleidingen bij 3mE, Civiele Techniek en Geowetenschappen, Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica, en Technische Natuurwetenschappen. Deze faculteiten hadden nooit eerder zoveel eerstejaars bachelorstudenten in huis. (Zie tabel.)

De groei bij Civiele Techniek en Geowetenschappen betreft deels afzwaaiers bij Bouwkunde: studenten die daar niet binnenkwamen vanwege de numerus fixus met decentrale selectie. “Dat heeft een positief effect op Industrieel Ontwerpen en Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek”, zegt directeur onderwijs Frank Sanders.

Volgens Sanders is de verwachting van studenten ten aanzien van hun opleiding en toekomstig werk positief. “Zeker omdat het imago van het hbo en hts voor civiele techniek in het algemeen slecht is.” De faculteit kan vierhonderd studenten goed aan. “Met het bindend studieadvies van veertig studiepunten zal de uitval iets hoger zijn dan vorig jaar.”

De faculteit 3mE verklaart haar groei juist weer vanuit de numerus fixus bij Luchtvaart- en Ruimtevaarttechniek (440) en Industrieel Ontwerpen (330). “Door de economische crisis gaan mensen eerder een technische studie doen”, zegt directeur onderwijs Hans Hellendoorn.

En dan het liefst een ‘avontuurlijke’. “Ze zien hier robots, machines, regeltechniek, biomedische apparaten en energiecentrales”, zegt Hellendoorn. Studenten bleken vooral geïnteresseerd door de breedte van 3mE, wees een onderzoek uit.

3mE kan een maximale instroom van zeshonderd studenten aan. De faculteit wil nog een flink aantal collegezalen creëren. “Over een numerus fixus wordt wel eens gediscussieerd, maar het beroepenveld moet daar niet aan denken”, zegt Hellendoorn. “In de  maritieme techniek en de offshore zijn er twee banen per afgestudeerde, in de werktuigbouw ongeveer anderhalf.”

Bij Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica werd intensiever voorlichting gegeven over de opleidingen. Die faculteit bleef in aantallen eerstejaars lang achter bij andere faculteiten. In 2010 en 2011 kwamen er zevenhonderd man meer bij de open dagen.

“Naar opleidingen van EWI is meer maatschappelijke vraag en in tijden van crisis leveren die een grotere baangarantie”, zegt directeur onderwijs Hans Tonino. “Er is veel werk voor mensen.”