Zwermen sprinkhanen teisteren de Hoorn van Afrika en Azië. Delftse studenten werken aan een bestrijdingsmethode. Ze willen virussen loslaten op de vraatzuchtige insecten.
Een vloedgolf van woestijnsprinkhanen van zowat Bijbelse proporties overspoelt de Hoorn van Afrika, de Arabische Peninsula en het Westen van Azië. (Foto: 850977 / Pixabay)

Zwermen sprinkhanen teisteren de Hoorn van Afrika en Azië. Delftse studenten werken aan een bestrijdingsmethode. Ze willen virussen loslaten op de vraatzuchtige insecten.

Read in English

Halveer een bagel. Smeer er een dikke laag humus harissa op. Voeg avocado en gegrilde paprika toe. En top het geheel af met sprinkhanen, verse koriander en zwarte peper.

Ook leuk, de mezcal twist (18+): Snij een limoen in acht partjes, schenk tequila in een shotglaasje met een sprinkhaan erin, lik zout van je hand, drink het shotglaasje leeg, eet de sprinkhaan op en bijt in de limoen.

Welkom bij de sprinkhaankookshow van het Delftse iGEM-team, binnenkort te zien op Youtube. Het is niet alleen maar keiharde wetenschap dat dit team bezigt. De studenten van iGEM, de jaarlijkse internationale studentencompetitie sleutelen met DNA (International Genetically Engineered Machine Competition), moeten er ook voor zorgen dat hun boodschap landt. Dat mag deels op ludieke wijze.

De insecten vreten alles kaal
Een zowat Bijbelse vloedgolf aan woestijnsprinkhanen overspoelt de Hoorn van Afrika, het Arabische schiereiland en het westen van Azië. En dat voor het tweede achtereenvolgende jaar. De insecten vreten alles kaal. Een regelrechte ramp. Daarom moeten de dieren worden gestopt, vindt het Delftse iGem-team, desnoods door ze te bakken of in cocktails te verwerken. Maar beter nog, natuurlijk, doen de studenten waar ze goed in zijn en trekken ze de trukendoos van de synthetische biologie open. Daarmee zijn de elf masterstudenten van Life Science & Technology, Bionanoscience en Mechanical Engineering inmiddels vier maanden in de weer.

De iGEM-wedstrijd, georganiseerd door het Massachusetts Institute of Technology, dient als een platform voor het verbreden van de kennis over synthetische biologie. Studententeams worden uitgedaagd hun zomer te wijden aan een zelfbedacht project. Vaak sleutelen ze aan het DNA van bacteriën, waardoor deze opeens ingezet kunnen worden om maatschappelijke problemen op te lossen. Zo maakten Delftse studenten enkele jaren geleden een bacterie die landmijnen detecteert door in de buurt van een landmijn te verkleuren.

De Delftse studenten van dit jaar hebben het priegelniveau een tandje opgevoerd. Ze werken op nog kleinere schaal. Ze willen een biopesticide maken door bacteriofagen genetisch te modificeren. Een bacteriofaag is een virus dat alleen een specifieke bacterie infecteert.

‘We willen de bacteriën veranderen in fabriekjes voor giftige eiwitten’

“Het idee is om deze biopesticide (bestaande uit virussen) aan te brengen op planten”, vertelt teamleider Nick Bowring. “Als de sprinkhaaan ervan eet, komen de virussen in de darmen van het insect terecht. Daar binden ze aan bacteriën. Ze injecteren hun genetisch materiaal in die bacteriën waarna de gastheren eiwitten maken. Als we het virus genetisch aanpassen zodat het een gen met zich meedraagt dat codeert voor een toxisch eiwit, dan kunnen we de bacteriën veranderen in een soort fabriekjes voor die giftige stof. De stof die we in gedachten hebben, is een zogenaamd kristaleiwit dat de darmwand van de sprinkhaan perforeert waardoor het insect sterft.”

Eind oktober moeten de studenten hun bevindingen doorsturen naar de jury. Bowring: “We hopen dan een proof of concept te kunnen tonen. We hebben de ontwikkeling van deze biopesticide opgesplitst in deelprojecten. We hebben al aangetoond dat het mogelijk is om de bacterie de giftige stof te laten produceren. Dit hebben we gedaan door een bacterie genetisch te modificeren. Maar uiteindelijk moet het natuurlijk een virus zijn dat het DNA aandraagt.”

Wereldwijd werken talloze onderzoeksgroepen aan biopesticiden tegen de woestijnsprinkhaan. Dat blijkt knap lastig. Een wondermiddel is er nog niet. Maar de studenten hebben hoge verwachting van hun insteek. "We staan in nauw contact met onderzoekers van de wereldvoedselorganisatie. Als zij enthousiast zijn over deze aanpak, komt er misschien een vervolgonderzoek.”