Bluetooth valt bijna niet meer weg te denken uit mobiele apparaten. Uitvinder Jaap Haartsen (45) bedacht deze techniek, die lastige snoeren overbodig maakt. Hij onderzoekt nu nieuwe toepassingen van de techniek in horloges en schoenen.

Naam: Jaap Haartsen (45)Woonplaats: HardenbergVerliefd/verloofd/getrouwd: GetrouwdStudie: ElektrotechniekAfstudeerrichting: InstrumentatieAfstudeerjaar: 1986Loopbaan: Na zijn studie elektrotechniek, promoveerde Haartsen in 1990 bij dezelfde faculteit. Van 1991 tot en met 1993 werkte hij voor Ericsson in de Verenigde Staten. In 1993 vertrok hij naar de Zweedse vestiging van het bedrijf. Daar bleef hij tot 1997. In 1994 begon hij met de ontwikkeling van de Bluetooth. In 1997 begon hij bij Ericsson in Emmen. In 2007 startte hij bij Sony Ericsson, eveneens in Emmen. In 2000 werd hij deeltijdhoogleraar op de Universiteit Twente. Daar is hij deze zomer weer mee gestopt.

,

Het bureau van prof.dr.ir. Jaap Haartsen staat vol met de nieuwste snufjes. Naast zijn computer ligt een ogenschijnlijk gewoon horloge, maar wie het uurwerk van dichtbij bekijkt, ziet veel afwijkende knopjes. Het klokje is voorzien van Bluetooth, en Haartsen kan, terwijl hij de tijd goed in de gaten houdt, zijn muziekinstallatie bedienen met behulp van zijn horloge. “Ik kan met mijn horloge mijn walkmantelefoon harder en zachter zetten en van nummer wisselen en ik kan er op zien wie mij op mijn mobiel belt”, zegt Haartsen. “Het is een soort afstandsbediening.”Maar weinig mensen hebben een dergelijk multifunctioneel horloge, maar bij Haartsen is het niet uitzonderlijk. Hij draagt wel meer innovatieve apparaten tijdens zijn werk. Rond zijn nek bungelt een van de nieuwste headsets. Niet omdat de elektrotechnicus zo graag naar zijn eigen muziek luistert tijdens zijn werk bij Sony Ericsson. Het gaat Haartsen niet om de muziek, maar om de techniek die zich binnen in het apparaat bevindt. Haartsen is namelijk de bedenker van Bluetooth. Zonder zijn ontdekking zou het onmogelijk zijn om snoerloos met een headset te bellen en naar muziek te luisteren of om zonder draadjes data door te sturen.

Nu lijkt het de normaalste zaak van de wereld om zonder ingewikkelde snoeren bellend door het leven te gaan. Bouwvakkers informeren door middel van een klein oortje bij het thuisfront hoe laat het eten op tafel staat. Agenda’s hoeven niet meer te worden overgepend, met een druk op de knop is je agenda op zowel je computer als je I-phone of pda gesynchroniseerd. Alles met behulp van de Bluetooth-techniek. In 2006 werden al twaalf miljoen apparaten met Bluetooth per week verkocht. “En dat getal is alleen maar groter geworden”, zegt Haartsen.

SuccesDe aantallen en het verkoopsucces hebben de elektrotechnicus volkomen verrast. Toen hij in de zomer van 1994 aan het Bluetooth-project begon, was hij er in zijn eentje mee bezig. “Ericsson had toentertijd een visie om een netwerk te creëren dat apparaten met elkaar zou laten communiceren. Zonder hulp van een basisstation. Dat was op dat moment nog helemaal niet mogelijk.” Pda’s en computers konden in die tijd niet zonder hulp van het netwerk van de telefoon met elkaar communiceren. En daarmee stond Haartsen dan ook meteen voor een probleem. “De enige apparaten die zonder een basisstation werkten, waren walkietalkies. Zij communiceerden direct met elkaar met behulp van radiofrequenties. Maar probeer maar eens een frequentie te vinden die je mag gebruiken. Radio is zeer gereguleerd. Je kunt niet zomaar op een gsm frequentie gaan uitzenden, want dan krijg je meteen de politie achter je aan.”

Uiteindelijk werd een radioverbinding gevonden in de 2,45 GHz-band, waar ook babyfoons, de afstandsbediening van garagedeuren en wifi op zitten. De licentie daarvoor was een politiek schaakspel. Haartsen stond voor veel technische problemen, die niet met een vingerknip waren op te lossen. “Al snel was ik er met veel collega’s mee bezig. Ik richtte mij voornamelijk op de theorie en vroeg mijn collega’s of zij het konden implementeren en bouwen.”Haartsen en zijn collega’s zochten naar selectieve filters die ze zo klein mogelijk wilden maken op het silicium, het basismateriaal voor alle chips. “Als je in een radiosysteem zit, bevind je je in een gedeeld spectrum en heb je selectieve filters nodig om ervoor te zorgen dat de verschillende apparaten en gebruikers elkaar niet storen. Maar het was erg lastig in het begin om zulke selectieve filters te krijgen op silicium. Met nieuwe technieken konden we de filters toch op de chips krijgen, die zelf ook steeds kleiner werden”, zegt Haartsen. “Bovendien moest het systeem zo weinig mogelijk energie verbruiken, want anders ben je steeds batterijen aan het vervangen.”Om storen van verschillende apparaten te voorkomen, bedacht de elektrotechnicus het frequency hopping-systeem. “Als twee gebruikers in dezelfde frequentie zitten, krijg je allebei een storing en werkt het apparaat niet”, zegt Haartsen. “Het is best lastig om dat te voorkomen. Een transmitter en een ontvanger moeten in dezelfde frequentie zitten, anders werkt het niet. Maar jouw transmitter en ontvanger moeten wel een ander hop-patroon volgen dan een andere gebruiker. Je kunt moeilijk tegen iemand met een zelfde apparaat zeggen dat hij niet in je buurt mag komen, omdat jij daar bezig bent en hij je apparaat anders stoort. Daarom hopt Bluetooth iedere zeshonderd microseconde van frequentie volgens een uniek patroon en heb je dat probleem niet. Ik wilde dat minstens tien gebruikers in dezelfde ruimte konden staan, zonder storingen. Ik word namelijk gestoord als een apparaat niet werkt en dat wilde ik hierbij met alle macht voorkomen.”

Mentale drukHet bedrijf kreeg al gauw door dat het met het systeem goud in handen had. “Alle marketingmensen riepen toen dat Bluetooth een ontzettend succesvol systeem zou worden en dat er miljoenen van verkocht zouden worden. “Dat zorgde bij ons voor een enorme mentale druk”, zegt Haartsen. “Want we hadden nog geen bit van het ene naar het andere apparaat verstuurd.”De eerste keer dat dit wel lukte, kan Haartsen zich nog goed herinneren. “We stonden met grote testboarden. De een aan het begin van de gang, de ander aan het eind. En het lukte om informatie aan elkaar door te sturen. Dat was geweldig, een enorme bevrediging dat alles wat je in al die jaren hebt bedacht zijn vruchten afwerpt.”Haartsen denkt dat Bluetooth vooral zo succesvol is geworden, omdat de techniek in allerlei apparaten te gebruiken is en niet aan een bepaald merk verbonden is. “Voor gebruikers is het niet fijn als er verschillende standaarden zijn voor een bepaald apparaat, omdat je dan steeds nieuwe dingen moet aanschaffen en sommige systemen niet werken bij bepaalde apparaten. Bluetooth werkt bij elk apparaat. Wij waren de eerste en omdat het goed werkt, zijn wij de standaard geworden. Dat was ons geluk.”De elektrotechnicus had als klein kind al een grote fascinatie voor elektrotechniek. “Ik las de Kijk en zag hoe Chriet Titulaer allerlei nieuwe dingen ontwierp. Daarin sleurde hij me helemaal mee. Ik sloopte oude tv’s uit elkaar om te zien hoe ze er van binnen uit zagen. Radiografisch bestuurbare vliegtuigen vond ik fantastisch, maar helaas mocht ik die toentertijd niet hebben. Radio was grote magie voor mij. Ik vond het fantastisch om ingewikkelde technische puzzels op te lossen. En dat heb ik nog steeds.” Bij elektrotechniek op de TU Delft voelde hij zich dan ook erg op zijn plaats. “Ik vond al die theorie die ik kreeg fijn. Ik vond het niet erg dat er maar weinig practica waren. Ik kijk nog geregeld mijn oude studieboeken in om ingewikkelde dingen op te zoeken. Ik heb nog steeds veel aan mijn studie.”Haartsen is nog lang niet uitgepuzzeld. Hij is nu vooral bezig om hogere datasnelheden met Bluetooth te halen en om andere technologieën onder de Bluetooth-paraplu te krijgen. “We zijn vooral bezig met gadgets en sensoren rond het lichaam. Een stappenteller in je schoen communiceert naar je telefoon, gps, zodat je thuis achter je computer kunt zien waar en hoeveel stappen je hebt gezet. Nu is dat alleen nog maar mogelijk als je Nike’s hebt, en een bepaalde telefoon. Wij willen dat iedereen met een mobiele telefoon dat straks kan. Deze techniek moet voor iedereen beschikbaar zijn. Niet voor exclusieve gebruikers.”

Naam: Jaap Haartsen (45)Woonplaats: HardenbergVerliefd/verloofd/getrouwd: GetrouwdStudie: ElektrotechniekAfstudeerrichting: InstrumentatieAfstudeerjaar: 1986Loopbaan: Na zijn studie elektrotechniek, promoveerde Haartsen in 1990 bij dezelfde faculteit. Van 1991 tot en met 1993 werkte hij voor Ericsson in de Verenigde Staten. In 1993 vertrok hij naar de Zweedse vestiging van het bedrijf. Daar bleef hij tot 1997. In 1994 begon hij met de ontwikkeling van de Bluetooth. In 1997 begon hij bij Ericsson in Emmen. In 2007 startte hij bij Sony Ericsson, eveneens in Emmen. In 2000 werd hij deeltijdhoogleraar op de Universiteit Twente. Daar is hij deze zomer weer mee gestopt.

Het bureau van prof.dr.ir. Jaap Haartsen staat vol met de nieuwste snufjes. Naast zijn computer ligt een ogenschijnlijk gewoon horloge, maar wie het uurwerk van dichtbij bekijkt, ziet veel afwijkende knopjes. Het klokje is voorzien van Bluetooth, en Haartsen kan, terwijl hij de tijd goed in de gaten houdt, zijn muziekinstallatie bedienen met behulp van zijn horloge. “Ik kan met mijn horloge mijn walkmantelefoon harder en zachter zetten en van nummer wisselen en ik kan er op zien wie mij op mijn mobiel belt”, zegt Haartsen. “Het is een soort afstandsbediening.”Maar weinig mensen hebben een dergelijk multifunctioneel horloge, maar bij Haartsen is het niet uitzonderlijk. Hij draagt wel meer innovatieve apparaten tijdens zijn werk. Rond zijn nek bungelt een van de nieuwste headsets. Niet omdat de elektrotechnicus zo graag naar zijn eigen muziek luistert tijdens zijn werk bij Sony Ericsson. Het gaat Haartsen niet om de muziek, maar om de techniek die zich binnen in het apparaat bevindt. Haartsen is namelijk de bedenker van Bluetooth. Zonder zijn ontdekking zou het onmogelijk zijn om snoerloos met een headset te bellen en naar muziek te luisteren of om zonder draadjes data door te sturen.

Nu lijkt het de normaalste zaak van de wereld om zonder ingewikkelde snoeren bellend door het leven te gaan. Bouwvakkers informeren door middel van een klein oortje bij het thuisfront hoe laat het eten op tafel staat. Agenda’s hoeven niet meer te worden overgepend, met een druk op de knop is je agenda op zowel je computer als je I-phone of pda gesynchroniseerd. Alles met behulp van de Bluetooth-techniek. In 2006 werden al twaalf miljoen apparaten met Bluetooth per week verkocht. “En dat getal is alleen maar groter geworden”, zegt Haartsen.

SuccesDe aantallen en het verkoopsucces hebben de elektrotechnicus volkomen verrast. Toen hij in de zomer van 1994 aan het Bluetooth-project begon, was hij er in zijn eentje mee bezig. “Ericsson had toentertijd een visie om een netwerk te creëren dat apparaten met elkaar zou laten communiceren. Zonder hulp van een basisstation. Dat was op dat moment nog helemaal niet mogelijk.” Pda’s en computers konden in die tijd niet zonder hulp van het netwerk van de telefoon met elkaar communiceren. En daarmee stond Haartsen dan ook meteen voor een probleem. “De enige apparaten die zonder een basisstation werkten, waren walkietalkies. Zij communiceerden direct met elkaar met behulp van radiofrequenties. Maar probeer maar eens een frequentie te vinden die je mag gebruiken. Radio is zeer gereguleerd. Je kunt niet zomaar op een gsm frequentie gaan uitzenden, want dan krijg je meteen de politie achter je aan.”

Uiteindelijk werd een radioverbinding gevonden in de 2,45 GHz-band, waar ook babyfoons, de afstandsbediening van garagedeuren en wifi op zitten. De licentie daarvoor was een politiek schaakspel. Haartsen stond voor veel technische problemen, die niet met een vingerknip waren op te lossen. “Al snel was ik er met veel collega’s mee bezig. Ik richtte mij voornamelijk op de theorie en vroeg mijn collega’s of zij het konden implementeren en bouwen.”Haartsen en zijn collega’s zochten naar selectieve filters die ze zo klein mogelijk wilden maken op het silicium, het basismateriaal voor alle chips. “Als je in een radiosysteem zit, bevind je je in een gedeeld spectrum en heb je selectieve filters nodig om ervoor te zorgen dat de verschillende apparaten en gebruikers elkaar niet storen. Maar het was erg lastig in het begin om zulke selectieve filters te krijgen op silicium. Met nieuwe technieken konden we de filters toch op de chips krijgen, die zelf ook steeds kleiner werden”, zegt Haartsen. “Bovendien moest het systeem zo weinig mogelijk energie verbruiken, want anders ben je steeds batterijen aan het vervangen.”Om storen van verschillende apparaten te voorkomen, bedacht de elektrotechnicus het frequency hopping-systeem. “Als twee gebruikers in dezelfde frequentie zitten, krijg je allebei een storing en werkt het apparaat niet”, zegt Haartsen. “Het is best lastig om dat te voorkomen. Een transmitter en een ontvanger moeten in dezelfde frequentie zitten, anders werkt het niet. Maar jouw transmitter en ontvanger moeten wel een ander hop-patroon volgen dan een andere gebruiker. Je kunt moeilijk tegen iemand met een zelfde apparaat zeggen dat hij niet in je buurt mag komen, omdat jij daar bezig bent en hij je apparaat anders stoort. Daarom hopt Bluetooth iedere zeshonderd microseconde van frequentie volgens een uniek patroon en heb je dat probleem niet. Ik wilde dat minstens tien gebruikers in dezelfde ruimte konden staan, zonder storingen. Ik word namelijk gestoord als een apparaat niet werkt en dat wilde ik hierbij met alle macht voorkomen.”

Mentale drukHet bedrijf kreeg al gauw door dat het met het systeem goud in handen had. “Alle marketingmensen riepen toen dat Bluetooth een ontzettend succesvol systeem zou worden en dat er miljoenen van verkocht zouden worden. “Dat zorgde bij ons voor een enorme mentale druk”, zegt Haartsen. “Want we hadden nog geen bit van het ene naar het andere apparaat verstuurd.”De eerste keer dat dit wel lukte, kan Haartsen zich nog goed herinneren. “We stonden met grote testboarden. De een aan het begin van de gang, de ander aan het eind. En het lukte om informatie aan elkaar door te sturen. Dat was geweldig, een enorme bevrediging dat alles wat je in al die jaren hebt bedacht zijn vruchten afwerpt.”Haartsen denkt dat Bluetooth vooral zo succesvol is geworden, omdat de techniek in allerlei apparaten te gebruiken is en niet aan een bepaald merk verbonden is. “Voor gebruikers is het niet fijn als er verschillende standaarden zijn voor een bepaald apparaat, omdat je dan steeds nieuwe dingen moet aanschaffen en sommige systemen niet werken bij bepaalde apparaten. Bluetooth werkt bij elk apparaat. Wij waren de eerste en omdat het goed werkt, zijn wij de standaard geworden. Dat was ons geluk.”De elektrotechnicus had als klein kind al een grote fascinatie voor elektrotechniek. “Ik las de Kijk en zag hoe Chriet Titulaer allerlei nieuwe dingen ontwierp. Daarin sleurde hij me helemaal mee. Ik sloopte oude tv’s uit elkaar om te zien hoe ze er van binnen uit zagen. Radiografisch bestuurbare vliegtuigen vond ik fantastisch, maar helaas mocht ik die toentertijd niet hebben. Radio was grote magie voor mij. Ik vond het fantastisch om ingewikkelde technische puzzels op te lossen. En dat heb ik nog steeds.” Bij elektrotechniek op de TU Delft voelde hij zich dan ook erg op zijn plaats. “Ik vond al die theorie die ik kreeg fijn. Ik vond het niet erg dat er maar weinig practica waren. Ik kijk nog geregeld mijn oude studieboeken in om ingewikkelde dingen op te zoeken. Ik heb nog steeds veel aan mijn studie.”Haartsen is nog lang niet uitgepuzzeld. Hij is nu vooral bezig om hogere datasnelheden met Bluetooth te halen en om andere technologieën onder de Bluetooth-paraplu te krijgen. “We zijn vooral bezig met gadgets en sensoren rond het lichaam. Een stappenteller in je schoen communiceert naar je telefoon, gps, zodat je thuis achter je computer kunt zien waar en hoeveel stappen je hebt gezet. Nu is dat alleen nog maar mogelijk als je Nike’s hebt, en een bepaalde telefoon. Wij willen dat iedereen met een mobiele telefoon dat straks kan. Deze techniek moet voor iedereen beschikbaar zijn. Niet voor exclusieve gebruikers.”