Een onderscheid naar nationaliteit in de wetenschap is ongeoorloofd, vinden Nasser Kalantar en Behnam Taebi. Ze reageren hiermee op de uitspraak van de Hoge Raad dat categorale weigering van Iraniërs tot bepaalde vakgebieden onnodig is.

In 2008 heeft de Nederlandse regering een sanctieregeling ingesteld om Iraniërs de toegang tot enkele vakgebieden te beletten. Hiermee meende de regering uitvoering te geven aan VN-resolutie 1737, die het overbrengen van proliferatiegevoelige informatie naar Iran moet verhinderen. Maar de categorale weigering van Iraniërs is onnodig en ongeoorloofd, zo heeft de Hoge Raad op 14 december 2012 geoordeeld, die daarmee de uitspraak van de Rechtbank en het Gerechtshof bevestigde.

1. Onderscheid naar nationaliteit is discriminerend
Dat de regeling discriminerend was, erkende de regering volmondig. De toenmalige minister van Onderwijs Plasterk vond deze ‘collateral damage’ echter onvermijdelijk vanwege de resolutie. Maar de rechter heeft benadrukt dat lidstaten vrij zijn in de wijze van uitvoering van een resolutie en dat resolutie 1737 geenszins tot discriminatie verplicht. De sanctieregeling schond het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, en was daarmee juridisch onhoudbaar.

2. Informatie beschermen moet veel effectiever
Om proliferatiegevoelige informatie te beschermen bestaan er andere, effectievere manieren, bijvoorbeeld een individuele screening, zo oordeelde ook de rechter. Immers, iedereen die in aanraking komt met gevoelige informatie of middelen vormt een potentieel gevaar. Neem de zaak van Frans van Anraat, die in de jaren tachtig chemicaliën voor Saddams mosterdgas leverde en later werd veroordeeld wegens medeplichtigheid aan oorlogsmisdaden. Let wel: individuele screening (onafhankelijk van nationaliteit) is al lang de standaardprocedure.

3. De affaire Khan is een heel ander verhaal
Maar die standaardprocedure werkt toch niet altijd? wordt er weleens tegengeworpen. Kijk naar de affaire-Khan! Er zijn echter wezenlijke verschillen. Ten eerste ging het in die zaak om de blauwdrukken van centrifuges voor de verrijking van uranium. Dat type gevoelige informatie wordt doorgaans als industrieel geheim beschouwd en is maar in een zeer beperkt aantal plaatsen in Nederland beschikbaar. Ten tweede: de politieke ambtsdragers van die tijd hebben aangegeven dat Nederland onder druk stond van de Amerikaanse inlichtingendiensten om Khan vrij spel te geven. Een machtig Pakistan paste in de jaren zeventig in de logica van de Koude Oorlog. De VN-resolutie noch de sanctieregeling had die affaire kunnen voorkomen. Ten derde: hoe kan een nog niet opgeloste zaak invloed hebben op de beleidsvorming? Het laatste nieuws is dat het strafdossier van Khan op raadselachtige wijze is verdwenen, misschien zelfs vernietigd.

4. Discriminatie in de wetenschap is uit den boze
In 2009 heeft de toenmalige KNAW-voorzitter Robbert Dijkgraaf in een brief aan de minister bezwaar gemaakt tegen de ‘enge interpretatie’ van de resolutie en tevens gewezen op de reputatieschade van de sanctieregeling voor de Nederlandse wetenschap. Vrijheid van wetenschap betekent onder andere dat studenten en onderzoekers louter op grond van persoonlijke verdienste worden toegelaten dan wel geweigerd. Andere gronden, zoals ras, sekse of nationaliteit, zijn irrelevant. Met een beroep op veiligheid is er ruimte voor individuele screening; categoraal onderscheid is een grof, discriminerend en contraproductief instrument.
De uitspraak van de hoogste Nederlandse rechtbank ligt nu drie maanden achter ons en de regering is zich nog steeds aan het beraden. De enige mogelijke handelwijze is natuurlijk het intrekken van deze discriminerende regeling. Elke andere beslissing is een aanfluiting van de democratische rechtsstaat.

Nasser Kalantar is hoogleraar experimentele kernfysica aan de Rijksuniversiteit Groningen. Behnam Taebi is universitair docent techniekfilosofie aan de TU Delft.