Overslaan en naar de inhoud gaan
Rugbyvereniging DSR-C viert 100-jarig jubileum
Het DSR-C-bestuur tijdens de receptie. Van links naar rechts David Wildoer, Dorius Le Poole, Tim Nederveen, Maurits Bos, Dennis Baart. Helemaal rechts pedel Pim Jager. (Foto: DSR-C)

De Delftsche Studenten Rugbyclub bestaat honderd jaar. Tussen alle feestelijkheden door probeert het eerste team te presteren op het hoogste landelijke niveau.

Delta sprak met secretaris Dorius Le Poole over feesten, toewijding en presteren.

Hoe gaat het met DSR-C in dit jubileumjaar?
“We hebben zware dagen achter de rug, met het Old Tigers-toernooi voor oud-leden, de lustrumreceptie en tussendoor een paar pittige Ereklasse-potten. Eerder organiseerden we de Delftsche Rugby Dagen, een tens-toernooi (tien tegen tien) en begin dit jaar het honderdminutenspel: elke minuut een shotje bier drinken. In de kerstvakantie gaan we samen met onze Old Tigers op lustrumthoer naar Zuid-Afrika.”

Jullie zijn in 2017 gepromoveerd naar de ereklasse. Gaat jullie uitbundige studentenleven samen met presteren?
“Rugby in Nederland wordt steeds professioneler, fysiek en mentaal. Spelen op het hoogste niveau betekent dat we serieuzer moeten zijn. We drinken nog steeds, maar op vrijdagavond zeggen we tegen het zoveelste biertje ‘nee’. We blijven ons eigen spel spelen, daar halen we een hoop lol uit. Twee jaar geleden begonnen we met twee krachttrainingen per week. Dat maakt ons team zwaarder en sterker, wat minder blessures oplevert. Vorig seizoen hebben we ons gehandhaafd. Nu focussen we ons op deel twee van de competitie, waarin we van de voorlaatste plaats af willen.”

Wat maakt DSR-C bijzonder?
“We zijn allemaal studenten. Negentig procent komt uit het ledenbestand van DSC, tien procent van andere universiteiten. We drinken en feesten samen, zijn vrienden van elkaar. DSR-C is de eerste en oudste nog bestaande rugbyclub van Nederland. We hebben twee keer een nationale bond opgericht. Ons verzoek om het predicaat Koninklijk te krijgen is helaas afgewezen door de Commissaris van de Koningin. Momenteel zijn we de enige echte studentenclub die ereklasse speelt. Lang geleden waren we zes keer landskampioen. Rond 1990 zijn we nog een keer tweede geweest, maar ja: wanneer precies, dat houdt niemand bij.”

Waarom moeten mensen lid worden van DSR-C?
“Omdat we nu ook op het hoogste niveau spelen en omdat we een veel hechter genootschap zijn dan andere clubs. We doen veel samen buiten het veld. Er zijn rugbyers die speciaal in Delft komen studeren om bij ons te kunnen spelen en er zijn Leidse studenten die bij ons lid worden. De toewijding is hier groot.”

Wat maakt rugby een mooie sport?
“Het is geen toneelspel, zoals bij veel andere sporten. Het is een contactsport, je geeft tachtig minuten lang je volledige lijf op het veld. Je probeert je tegenstander kapot te beuken, maar na afloop is er respect voor elkaar. Je tegenstander heeft immers ook zijn hele lijf gegeven. De winnaar bedankt na afloop de verliezer, de verliezer feliciteert de winnaar door een haag te vormen. Daarna drinken we samen een biertje en gaan we samen zingen. Prachtig toch?”

Wat zijn de toekomstplannen?
“Op dit moment richten we ons op de jubileumviering, maar we willen graag de Plate-finale halen, de finale van de play-offs van de onderste zes.”

  • Delftsche Studenten Rugby-Club
  • Opgericht in 1918
  • Ondervereniging van het Delftsch Studenten Corps
  • Ongeveer 100 leden
  • Eerste team (Ereklasse), tweede team (derde klasse), Jonghe Honden (voor beginners) en een clusterteam met SVRC (Sanctus Virgilius Rugby Club) en Thor.
  • Zes keer landskampioen, laatste keer in 1953
  • Tweemaal (mede-)oprichter van de Nederlandse Rugby Bond (1920, 1932)

dsr-c_verloren.jpg

DSR-C blaast de aftocht, na een verloren pot tegen HRC. (Foto: DSR-C)

Meer lezen over rugby in Delft?

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe