Infraroodspectroscopie kan de conditie van de huid blootleggen. Philips, die het promotieonderzoek van Dr. Anna Ezerskaia heeft gesponsord, onderzoekt toepassingen in de cosmetica en dermatologie.

Infraroodspectroscopie kan de conditie van de huid blootleggen. Philips, onderzoekt toepassingen in de cosmetica en dermatologie.

Read in English

Iemands huid kan glad, rimpelig, stralend, zweterig, bleek of vettig zijn. Eerste indrukken tellen. Geen wonder dat mensen hun biologische visitekaartje in optimale conditie willen hebben.

De gezondheid van de huid hangt af van het delicate evenwicht tussen vocht en lipiden of talg - een mengsel van lipiden. Een dermatoloog stelt de hydratatie van de huid vast met een zogenaamde corneometer. Voor het meten van de vetheid van de huid is nog een ander apparaat nodig, een zogenaamde sebumeter.

Anna Ezerskaia, voor haar onderzoek werkzaam op de afdeling Personal Wellness and Care van Philips, wilde een contactloos optisch apparaat ontwikkelen dat beide huideigenschappen (hydratatie en vetheid) in één keer kan bepalen. TU-hoogleraar optica Paul Urbach (faculteit Technische Natuurwetenschappen) begeleidde het promotieonderzoek.

Schematische weergave van huidmeting met infrarood straling. (Illustratie: Anna Ezerskaia)

Infrarood
Ezerskaia gebruikte drie aangrenzende ver-infrarode golflengten die gevoelig waren voor water of lipiden, of beide. Metingen van drie zorgvuldig afgestemde diodelasers (tot 1720, 1770 en 1750 nanometer) die op de huid reflecteren, geven zo in één meting zowel de hydratatie als de vetheid weer. In een klinische omgeving kan deze meting worden gebruikt om het huidtype op een meer betrouwbare manier te classificeren dan bij traditionele technieken het geval is, omdat het een groter huidoppervlak in beeld brengt.

Hoewel de experimentele opstelling een half bureau besloeg, twijfelt dr. Babu Verghese er niet aan dat de benodigde lasers en optiek terug te brengen zijn naar een handzaam formaat. Als senior-wetenschapper bij Philips Biomedical Systems Division begeleidde hij het onderzoek van Ezerskaia in het lab. Een addertje onder het gras is dat ver-infrarode lasers te duur zijn voor de toepassing. Dat betekent dat het optische venster ‘omhoog gaat’ naar het nabij-infrarood, waar de signalen minder sterk zijn en gevoeliger zijn door verstoring van de bloed- of huidskleur.

Liever geen glans
Een ander huidprobleem is de glans van een vette huid. Ezerskaia schrijft dat ‘een glanzende en vette huid wordt beschouwd als onesthetisch en onaangenaam, en vaak geassocieerd met dermatologische aandoeningen’. Er is dus ook een markt voor producten die de talgproductie en de productie van gezichtsglans (beloven te) verminderen. Maar wat ontbreekt is een instrument dat de huidglans kwantificeert. Dat is vreemd, want glansmeting is goed ingeburgerd in de verf- en oppervlaktelakindustrie.

Everskaia ontwikkelde dus ook nog een prototype van een contactloze huidglansmeter. Het maakt gebruik van een kleine camera en ledlampjes in een formaat luciferdoosje dat tegen de huid wordt geplaatst. Een ingebouwde microcomputer berekent de glans van de huid aan de hand van de reflectie van de leds; hoe gelokaliseerder de reflectie, des te glanzender de huid.

Men kan zich de integratie van beide metingen (huidconditie en glans) in één instrument goed voorstellen. Philips zinspeelt op ‘een cosmetisch optisch detectieapparaat dat meer kwantitatief betrouwbare huidinformatie kan opleveren voor gebruik in dermatologische klinieken, schoonheidssalons en/of huishoudens’. Beide technieken zijn gepatenteerd.