Roeiclub Laga, ondervereniging van het Delftsch Studenten Corps, gooit een traditie overboord en opent haar deuren in de toekomst ook voor niet-corpsleden.

br />Peter Wijge, president van het 126-jarige Laga, noemt het besluit van de algemene ledenvergadering ‘historisch, maar onvermijdelijk'. ,,Ons ledenaantal is in de afgelopen jaren zodanig gekrompen, dat we niet meer kunnen voldoen aan ons hoofddoel: presteren op topniveau'', verklaart hij. ,,Als je goed voor de dag wilt komen als vereniging heb je ieder jaar zeker vierentwintig nieuwe wedstrijdroeiers nodig. Maar aan dat soort aantallen komen wij niet meer. Dit seizoen hebben bijvoorbeeld maar zeven eerstejaars wedstrijdroeiers zich aangemeld bij Laga. Door het toelatingsbeleid te wijzigen hopen we onze markt te vergroten.''Het besluit van Laga komt niet geheel onverwacht. Alle andere corporale roeiverenigingen in Nederland nemen al leden van buiten het corps aan, om de slag met de zogenoemde open verenigingen niet te verliezen. Laga werd in de afgelopen jaren op sportief vlak dan ook voorbij gestreefd door stadsgenoot Proteus-Eretes. Wanneer de vereniging definitief overgaat op het nieuwe toelatingsbeleid, blijft nog onduidelijk.,,Er wordt intern nog gediscussieerd over de vraag of we al meteen vanaf volgend studiejaar een open vereniging moeten worden. Dat geeft aan hoe zwaar deze beslissing ons valt'', aldus Wijge, die meer maatregelen aankondigt om het ledenaantal van Laga te vergroten.,,We moeten accepteren dat Laga verandert, net als de hele studentenwereld. Van studenten wordt verwacht dat ze snel afstuderen. Ze worden steeds meer in beslag genomen door de universiteit. Wij spelen daarop in met dit toelatingsbeleid, maar we gaan bijvoorbeeld ook veel aandacht besteden aan minder tijdrovende roeidisciplines zoals het competitieroeien.''Het effect van de koerswijzigingen zal volgens de Laga-president pas over enkele jaren zichtbaar zijn. ,,Ik denk niet dat ons ledentekort volgend seizoen meteen is opgelost. Waarschijnlijk zullen we de gevolgen van deze maatregelen pas over een jaar of vijf echt merken.'’

Roeiclub Laga, ondervereniging van het Delftsch Studenten Corps, gooit een traditie overboord en opent haar deuren in de toekomst ook voor niet-corpsleden.Peter Wijge, president van het 126-jarige Laga, noemt het besluit van de algemene ledenvergadering ‘historisch, maar onvermijdelijk'. ,,Ons ledenaantal is in de afgelopen jaren zodanig gekrompen, dat we niet meer kunnen voldoen aan ons hoofddoel: presteren op topniveau'', verklaart hij. ,,Als je goed voor de dag wilt komen als vereniging heb je ieder jaar zeker vierentwintig nieuwe wedstrijdroeiers nodig. Maar aan dat soort aantallen komen wij niet meer. Dit seizoen hebben bijvoorbeeld maar zeven eerstejaars wedstrijdroeiers zich aangemeld bij Laga. Door het toelatingsbeleid te wijzigen hopen we onze markt te vergroten.''Het besluit van Laga komt niet geheel onverwacht. Alle andere corporale roeiverenigingen in Nederland nemen al leden van buiten het corps aan, om de slag met de zogenoemde open verenigingen niet te verliezen. Laga werd in de afgelopen jaren op sportief vlak dan ook voorbij gestreefd door stadsgenoot Proteus-Eretes. Wanneer de vereniging definitief overgaat op het nieuwe toelatingsbeleid, blijft nog onduidelijk.,,Er wordt intern nog gediscussieerd over de vraag of we al meteen vanaf volgend studiejaar een open vereniging moeten worden. Dat geeft aan hoe zwaar deze beslissing ons valt'', aldus Wijge, die meer maatregelen aankondigt om het ledenaantal van Laga te vergroten.,,We moeten accepteren dat Laga verandert, net als de hele studentenwereld. Van studenten wordt verwacht dat ze snel afstuderen. Ze worden steeds meer in beslag genomen door de universiteit. Wij spelen daarop in met dit toelatingsbeleid, maar we gaan bijvoorbeeld ook veel aandacht besteden aan minder tijdrovende roeidisciplines zoals het competitieroeien.''Het effect van de koerswijzigingen zal volgens de Laga-president pas over enkele jaren zichtbaar zijn. ,,Ik denk niet dat ons ledentekort volgend seizoen meteen is opgelost. Waarschijnlijk zullen we de gevolgen van deze maatregelen pas over een jaar of vijf echt merken.'’