Arne Kanters studeerde bij Lucht- en Ruimtevaarttechniek af op de ultieme jongensdroom. Voor een nieuw model Porsche ontwikkelde hij de buitenspiegel.

Aërodynamisch, mooi én met een droog spiegelglas als het regent. Of het ontwerp echt gebruikt wordt, weet hij pas over twee jaar - wanneer de nieuwe Porsche 911 bij de dealers lonkt.Kanters is altijd al een autofanaat geweest. Omdat hij wist dat aërodynamici bij autobedrijven vaak lucht- en ruimtevaarders zijn, wilde hij het ook in die branche proberen. Hij schreef een aantal bedrijven aan, waaronder Porsche. ,,Ik kreeg niets terug. Omdat de researchafdeling van Porsche algemeen bekend staat als de beste, heb ik nog maar eens een brief geschreven‘', vertelt Kanters.Op de bonnefooi zocht hij contact met de crème de la crème in de designwereld: Harm Lagaay, het Nederlandse hoofd design van Porsche. ,,Hij zocht toevallig net iemand voor het buitenspiegelproject van het volgende 911-model. Zo had ik na zo'n tien maanden zoeken eindelijk een afstudeerproject.''In Stuttgart staat de fabriek van Porsche, maar de researchafdeling, de race-afdeling en twee testcircuits bevinden zich daar dertig kilometer vandaan. ,,Streng beveiligd natuurlijk'', aldus Kanters. ,,De resultaten van mijn afstudeeronderzoek zijn dus helaas strikt geheim. Soms had ik echt de behoefte om mijn vrienden te vertellen wat ik allemaal deed.''De eerste eis aan een spiegel is dat-ie er goed uitziet. ,,Zelf vind ik het uiterlijk van een Porsche ook het mooiste aan de wagen'', vertelt Kanters. ,,Dat betekent dat je concessies moet doen aan de aërodynamica. De ideale aërodynamische spiegel is klein, vlak en heeft ronde vormen. Maar je moet ook rekening houden met wettelijke eisen aan de minimumgrootte van de spiegel.''Aan het onderzoek ging een literatuurstudie vooraf, wat niet zonder voetangels en klemmen was. Fabrikanten houden hun onderzoeksresultaten geheim. Kanters overlegde daarom uitgebreid met de overige researchers bij Porsche. ,,De spiegel heeft invloed op de luchtweerstand van de auto, op de lift van de voor- en achteras en tenslotte moet het kunnen regenen terwijl het spiegelglas droog blijft.''KleiDe technische ideeën van de L&R-student werden voorgelegd aan de ontwerper van zijn afdeling. ,,Die zei dan: 'Dat is niet mooi, dat wel'. Daarna testten we onze ideeën in de windtunnel. Windtunneluren zijn schreeuwend duur, dus daar moet je van tevoren goed over hebben nagedacht hebben.''Alle modellen die Kanters bedacht zijn één op één uitgevoerd op de auto. ,,Eerst wordt de auto in de windtunnel gezet zonder spiegel. Daarna wordt de spiegel erop gezet en gekeken of de luchtweerstand toe- of afneemt.''In de windtunnel werkte Kanters ook samen met een modelleur. De testspiegels zijn van klei, legt hij uit. ,,De klei zit om een model van foam heen. Een modelleur kan heel snel van die klei een nieuw model maken, zodat je in korte tijd allerlei ideeën kunt proberen.''Met een vernevelaar tussen twee auto's in werd getest of de spiegel goed droogbleef. En tenslotte moest Kanters zijn modellen nog toetsen aan technische en financiële haalbaarheid in overleg met de constructeurs.Wat er precies met zijn resultaten gebeurt weet Kanters niet. ,,Van nul tot spiegel duurt ongeveer twee jaar. Ik kan met geen mogelijkheid zeggen of het ontwerp gebruikt wordt, hoewel ik natuurlijk denk van wel. Toen ik vroeg of ik later nog kon opbellen om te horen hoever het stond, zeiden ze dat ik over twee jaar maar een 911 moet kopen.''En daarvoor is hij inderdaad zijn spaarrekeningen aan het plannen. Werken bij Porsche is aanstekelijk: ,,Je ziet er elke dag op de parkeerplaats honderden Porsches staan. En binnen staat een verzameling van alle modellen. Ik koop er zeker een.''Kanters heeft zelf niet gereden in de nieuwe Porsche. ,,Sinds een stagiaire hier vijf meter buiten de poort een model van achthonderdduizend mark tegen een boom parkeerde mag het niet meer. Een paar maal heb ik wel in de auto van een collega gereden. En de ultieme ervaring was die keer dat ik meemocht met een testrit. Het regende die dag, en het was de bedoeling dat ik bij dat prototype zou kijken of de spiegel inderdaad droog bleef. Toen we eenmaal met 260 kilometer per uur over de autobaan reden, had ik daar weinig aandacht meer voor.'’.aut P.R.

Arne Kanters studeerde bij Lucht- en Ruimtevaarttechniek af op de ultieme jongensdroom. Voor een nieuw model Porsche ontwikkelde hij de buitenspiegel. Aërodynamisch, mooi én met een droog spiegelglas als het regent. Of het ontwerp echt gebruikt wordt, weet hij pas over twee jaar - wanneer de nieuwe Porsche 911 bij de dealers lonkt.Kanters is altijd al een autofanaat geweest. Omdat hij wist dat aërodynamici bij autobedrijven vaak lucht- en ruimtevaarders zijn, wilde hij het ook in die branche proberen. Hij schreef een aantal bedrijven aan, waaronder Porsche. ,,Ik kreeg niets terug. Omdat de researchafdeling van Porsche algemeen bekend staat als de beste, heb ik nog maar eens een brief geschreven‘', vertelt Kanters.Op de bonnefooi zocht hij contact met de crème de la crème in de designwereld: Harm Lagaay, het Nederlandse hoofd design van Porsche. ,,Hij zocht toevallig net iemand voor het buitenspiegelproject van het volgende 911-model. Zo had ik na zo'n tien maanden zoeken eindelijk een afstudeerproject.''In Stuttgart staat de fabriek van Porsche, maar de researchafdeling, de race-afdeling en twee testcircuits bevinden zich daar dertig kilometer vandaan. ,,Streng beveiligd natuurlijk'', aldus Kanters. ,,De resultaten van mijn afstudeeronderzoek zijn dus helaas strikt geheim. Soms had ik echt de behoefte om mijn vrienden te vertellen wat ik allemaal deed.''De eerste eis aan een spiegel is dat-ie er goed uitziet. ,,Zelf vind ik het uiterlijk van een Porsche ook het mooiste aan de wagen'', vertelt Kanters. ,,Dat betekent dat je concessies moet doen aan de aërodynamica. De ideale aërodynamische spiegel is klein, vlak en heeft ronde vormen. Maar je moet ook rekening houden met wettelijke eisen aan de minimumgrootte van de spiegel.''Aan het onderzoek ging een literatuurstudie vooraf, wat niet zonder voetangels en klemmen was. Fabrikanten houden hun onderzoeksresultaten geheim. Kanters overlegde daarom uitgebreid met de overige researchers bij Porsche. ,,De spiegel heeft invloed op de luchtweerstand van de auto, op de lift van de voor- en achteras en tenslotte moet het kunnen regenen terwijl het spiegelglas droog blijft.''KleiDe technische ideeën van de L&R-student werden voorgelegd aan de ontwerper van zijn afdeling. ,,Die zei dan: 'Dat is niet mooi, dat wel'. Daarna testten we onze ideeën in de windtunnel. Windtunneluren zijn schreeuwend duur, dus daar moet je van tevoren goed over hebben nagedacht hebben.''Alle modellen die Kanters bedacht zijn één op één uitgevoerd op de auto. ,,Eerst wordt de auto in de windtunnel gezet zonder spiegel. Daarna wordt de spiegel erop gezet en gekeken of de luchtweerstand toe- of afneemt.''In de windtunnel werkte Kanters ook samen met een modelleur. De testspiegels zijn van klei, legt hij uit. ,,De klei zit om een model van foam heen. Een modelleur kan heel snel van die klei een nieuw model maken, zodat je in korte tijd allerlei ideeën kunt proberen.''Met een vernevelaar tussen twee auto's in werd getest of de spiegel goed droogbleef. En tenslotte moest Kanters zijn modellen nog toetsen aan technische en financiële haalbaarheid in overleg met de constructeurs.Wat er precies met zijn resultaten gebeurt weet Kanters niet. ,,Van nul tot spiegel duurt ongeveer twee jaar. Ik kan met geen mogelijkheid zeggen of het ontwerp gebruikt wordt, hoewel ik natuurlijk denk van wel. Toen ik vroeg of ik later nog kon opbellen om te horen hoever het stond, zeiden ze dat ik over twee jaar maar een 911 moet kopen.''En daarvoor is hij inderdaad zijn spaarrekeningen aan het plannen. Werken bij Porsche is aanstekelijk: ,,Je ziet er elke dag op de parkeerplaats honderden Porsches staan. En binnen staat een verzameling van alle modellen. Ik koop er zeker een.''Kanters heeft zelf niet gereden in de nieuwe Porsche. ,,Sinds een stagiaire hier vijf meter buiten de poort een model van achthonderdduizend mark tegen een boom parkeerde mag het niet meer. Een paar maal heb ik wel in de auto van een collega gereden. En de ultieme ervaring was die keer dat ik meemocht met een testrit. Het regende die dag, en het was de bedoeling dat ik bij dat prototype zou kijken of de spiegel inderdaad droog bleef. Toen we eenmaal met 260 kilometer per uur over de autobaan reden, had ik daar weinig aandacht meer voor.'’.aut P.R.