Opinie

Knagend besef

In de column van vorige maand schreef ik over geluksbeleving in tijden van de kredietcrisis. Ik kwam tot de slotsom dat geld weggeven wel eens zou kunnen helpen tegen de mineurstemming die is ontstaan nu we het de komende jaren waarschijnlijk met een beetje minder moeten doen.

Onderzoek wijst immers uit dat een beetje meer of minder geld geen verschil maakt in de geluksbeleving van rijke mensen, terwijl de allerarmsten in de wereld dat geld veel beter kunnen gebruiken. Ik besloot daarom gehoor te geven aan de oproep van bio-ethicus Peter Singer. In zijn nieuwste boek ‘Het kan wel!’ ziet hij het als de morele plicht van mensen met een comfortabel bestaan om een percentage van hun inkomen te besteden aan de miljard mensen die van minder dan een dollar per dag moeten rondkomen. Ik heb bij wijze van experiment maar meteen een bedrag op de rekening van een weeshuis in Oeganda gestort om te kijken hoe het voelt.
Wat was het effect van die actie? Ik probeerde me voor te stellen hoe een groepje Oegandese kindertjes dankzij mijn bijdrage naar school zou kunnen. Ik zag ze al voor me: netjes gekleed in nieuwe schooluniformpjes, hun lachende gezichtjes als ze het klaslokaal betreden onder het toeziend oog van de lerares. Even besefte ik hoe goed we het hier in het Westen eigenlijk hebben. Hun geluk was dus in zekere zin ook mijn geluk. Daarbij, ook niet geheel onbelangrijk, kon ik mezelf nu een schouderklopje geven. Ik hoorde immers bij de mensen die het goed met de wereld voor hebben, en dat gaf mij een vrijbrief om andere mensen, die het vanzelfsprekend veel minder goed met de wereld voor hebben dan wij, eens stevig op hun gedrag aanspreken.
En toch bleef er iets knagen. Hoe hard ik ook probeerde om het beeld van het blije schoolklasje vast te houden, steeds was er die twijfel. Waarom kon ik niet onverdeeld gelukkig zijn met mijn ongetwijfeld barmhartige en nobele daad? Gingen mijn eurootjes echt het verschil maken, zoals Singer beweert?
Ik kon me niet aan het idee onttrekken: een klas vol blije kinderen, honderd klassen vol blije kinderen – ze gaan het verschil niet maken. Armoede is een structureel probleem. Het gaat niet om een paar pechvogels, maar om miljarden mensen tegelijk. Daarnaast is de kloof tussen arm en rijk in de loop der eeuwen alleen maar toegenomen. Conclusie: vrijgevigheid is bijzaak. Altijd geweest. Aalmoezen uitdelen lijkt barmhartig, maar als puntje bij paaltje komt, staan me, myself and I op nummer een. Misschien had Singer zijn boek daarom beter: ‘Het kan wel – maar het gebeurt niet’ kunnen noemen.
Want wat knaagde harder: mijn onvermogen om structureel in te grijpen in de armoedeproblematiek? Of het besef dat ik nu nog een half jaar moet sparen voordat ik eindelijk die 42-inch Samsung HD breedbeeldtelevisie aan de muur kan hangen?

Daan Schuurbiers is onderzoeker bij de werkgroep biotechnologie en maatschappij bij de faculteit Technische Natuurwetenschappen.

The Delft University Fund’s ‘Marina van Damme grant’ has been awarded to Marline Claessens, a 2004 graduate of TU Delft’s Faculty of Aerospace Engineering who currently works as a space systems engineer at Verhaert Space in Kruibeke, Belgium. This annual award, which is given to a talented and enterprising young female graduate of TU Delft and is worth 9,000 euro, will enable Ms Claessens to attend the space studies program at the International Space University at the NASA Ames Research Centre in California (USA).

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.