Overslaan en naar de inhoud gaan

Het Health Coach programma van de TU Delft blijkt een succes. Deelnemers zijn gezonder dan voordat ze begonnen aan hun nieuwe levensstijl. Vandaar dat de universiteit het project uitbreidt.

101 Werknemers van de TU deden tijdens het eerste jaar mee aan het programma. 75 Procent voelde zich na afloop fitter, melden de begeleiders. Deelnemers hadden een lager cholesterolgehalte, een lagere bloeddruk, ze vielen af en verlaagden hun bloedsuiker. Een bijeffect was dat meer dan de helft van de rokers gestopt was of minder was gaan roken. Voordeel voor de TU is dat bijna de helft van de deelnemers na afloop zei productiever te zijn. En 90 procent zou deelname aanraden aan collega’s.

Het afgelopen jaar was het programma gericht op mensen die bij de bedrijfsarts liepen met aandoeningen als obesitas en hart- en vaatziekten. De komende jaren is het breder toegankelijk, meldt Luuk Simons, oprichter en directeur van het Health (e)Coach Program. “De doelgroep is iedereen die denkt: dit kan ik wel gebruiken.”
Van 2012-2015 is er jaarlijks plek voor tweehonderd deelnemers. Dit jaar start het programma op 23 en 24 januari. Daarna worden de werknemers een half jaar lang intensief begeleid door gezondheidscoaches, op het gebied van voeding, beweging en stressmanagement.

Het programma begint met een aantal workshops waarin de hoofdlijnen van gezond gedrag worden uitgelegd. Deelnemers kunnen vervolgens zelf bepalen in hoeverre ze opschuiven in de richting van dat gezonde gedrag. Ook vullen ze zelf in op welke wijze ze meer gaan bewegen. Ze kunnen hun voortgang nauwgezet bijhouden met een speciaal computerprogrammaatje en geregeld is er overleg met de coach. Na het eerste halve jaar moeten de deelnemers hun goede gedrag grotendeels zelf zien vast te houden. De afdeling Human Resources gaat de resultaten monitoren, om te bepalen of het programma de investering waard is.

In gesprek met studenten zei Kuijken hen graag als ‘buitenboordmotor’ van de deltacommissie te zien. Terwijl de deltacommissaris bezig is met het verbinden van alle overheidslagen die zich met water bezighouden, kan de universiteit bepaalde onderzoeken uitvoeren binnen de bestaande programma’s (in dit geval de DRI’s environment en infrastructures and mobility) of als denktank spontane out-of-the-box-ideeën produceren. Kuijken doet jaarlijks een voorstel voor het deltaprogramma, dat over de lange-termijnveiligheid van Nederland gaat en over de zoetwatervoorziening. Hij bezocht vorige week de TU op uitnodiging van het communicatieproject Deltaprogramma Link Delft (DLD), een initiatief van ir. Ties Rijcken (Civiele Techniek en Geowetenschappen).In het eerste deel van de bijeenkomst ontmoette de deltacommissaris in het Science Centre de rector, decanen en een aantal hoogleraren van CiTG, Techniek, Bestuur en Management en Bouwkunde. Tijdens het tweede deel, in de Berlagezaal bij Bouwkunde, trof de deltacommissaris studenten die kort verslag deden van hun projecten en hem vragen konden stellen.

“Ik was erg onder de indruk van de betrokkenheid”, stelt Kuijken naderhand, “en van de multidisciplinaire benadering vanuit ontwerp, onderzoek, beleid en techniek.” Ook was de deltacommissaris gecharmeerd van het initiatief van een universiteit die zich zo uitdrukkelijk presenteert rond de thematiek van het Deltaprogramma. Kuijken toonde zich geïnteresseerd in de koppeling van extra functies aan waterwerken. Hij noemt als voorbeeld de woningbouw op kades in binnensteden of de plaatsing van zonnepanelen en windmolens op dijken om een deel van de investering terug te verdienen.

Ook werd duidelijk dat de deltacommissie geen directe bron van onderzoeksgeld is. Volgens Rijcken werkt de samenwerking eerder getrapt: “Samenwerking met de deltacommissie verhoogt onze zichtbaarheid. Dat kan als hefboom werken bij onderzoeksaanvragen bij NWO en STW.”

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe