Studenten hebben het moeilijk tijdens de coronacrisis, blijkt uit steeds meer onderzoeken. Drie internationale studenten vertellen over hun ervaringen.
(Foto: Lucas Law via Unsplash)

Online onderwijs heeft grote invloed op de gemoedtoestand van studenten, blijkt uit onderzoek. Deze internationale studenten vertellen hoe het online studeren hen vergaat.

Read in English 

Uit onderzoek van ResearchNed blijkt dat online onderwijs weinig invloed heeft op cijfers van studenten, maar wel op hun motivatie en mentale gezondheid. In opdracht van studentenorganisatie ISO vroeg het onderzoeksbureau 11.500 studenten van hogescholen en universiteiten naar hun mening over online onderwijs tijdens de coronacrisis. Het moeilijkste aspect van online onderwijs vinden studenten de eenzaamheid die ermee gepaard gaat: ruim dertig procent van de deelnemers zegt zich vaak eenzaam te voelen, met motivatieproblemen te kampen en concentratieproblemen te hebben. 

De TU Delft heeft halverwege en eind 2020 een enquête uitgezet onder Delftse studenten. Wat opvalt, is dat internationale studenten hun leven tijdens de coronacrisis een lager cijfer geven dan Nederlandse studenten: een 5,5 tegenover een 6,1. Ook voelen internationale studenten zich vaker eenzamer. Delta vroeg drie Delftse internationals hoe het met ze gaat. 

‘Blijf praten met mensen om je heen’

(Eigen foto Dhruv Gulhar)
(Eigen foto Dhruv Gulhar)

Student mechanical engineering Dhruv Gulhar merkt aan alles dat hij het best in een team functioneert, maar dat zit er voorlopig niet in voor hem. Hij werkt al een aantal maanden aan een individueel afstudeerproject en heeft louter contact met zijn begeleider. “En hoe goed de begeleiding ook is, ik heb behoefte aan meer input. Gewoon van gedachten wisselen met een medestudent. Voorheen ging dat vanzelf als je even met een groepje stond te kletsen na een les. Maar nu? Je gaat niet op de bonnefooi een medestudent bellen en over je project beginnen.”

Hij heeft geen online lessen meer, geen tentamens. Voor zijn afstudeerproject zijn er alleen nog maar deadlines. Het zijn data ergens ver weg. “Ik ben inmiddels goed bezig, maar vooral de eerste paar maanden van de crisis vond ik het lastig om dingen niet te veel uit te stellen.” Toch blijft motivatie een ding, merkt hij. Voorheen was voetbal een belangrijke uitlaatklep in het weekend. “Er is niets om jezelf mee te belonen na een week hard werken. Voetbal is weg, je duikt niet de kroeg in met vrienden, je spreekt nauwelijks bij iemand af.”

Momenteel probeert hij zichzelf op andere manieren te belonen. Bijvoorbeeld met lekker eten na een dag hard werken. “Maar dat werkt ook maar tijdelijk. Na een tijdje krijgen je hersenen door dat je ze voor de gek aan het houden bent.”

Hij heeft inmiddels een fijn clubje vrienden en kennissen om zich heen verzameld in Delft. Maar voor nieuwe studenten gaat dat lastig, weet hij. Als oud-bestuurslid voor BEST Delft kent en praat hij met veel mensen. “Ik sprak laatst een studente die pas sinds september in Nederland woont en ze wist niet waar haar faculteit stond. Ze was er nog nooit geweest. Op die manier is het moeilijk om nieuwe mensen te ontmoeten.” 

Dhruv wil studenten op het hart drukken om te blijven praten. “Ik merk zelf dat het belangrijk is dat je af en toe je verhaalt kwijt kunt.” Als het niet met vrienden is, dan met een hulpverlener zoals een psycholoog. Het lijkt hem een goed idee als de studentenpsychologen van de TU Delft actief van zich laten horen, bijvoorbeeld door een mail te sturen naar alle studenten. “Waarin ze bijvoorbeeld vertellen dat ze er voor je zijn en hoe je ze kunt bereiken. Een kort gesprek met zo iemand kan je al enorm helpen, maar als je niet weet dat ze er zijn kom je misschien ook niet op het idee om bij ze aan te kloppen.”

‘Alle dagen lijken op elkaar’

Florian (midden) tijdens een klimaatdemonstratie.
Florian (midden) tijdens een FFF-demonstratie

Hoe het gaat met student Florian Wilkesmann op een schaal van één tot tien? “Een vijf”, antwoordt hij. Sinds kort woont Florian samen met zijn vriendin in een appartement. Het is krap, maar heeft wel drie verdiepingen. In vergelijking met anderen heeft hij het dus best goed, vindt de masterstudent transport, infrastructure and logistics. “Het is fijn om samen met mijn vriendin te wonen, maar de hele dag thuis zitten werkt niet echt motiverend. Vooral toen ik nog op een studentenkamer woonde, kwamen de muren op me af.”

Dit semester stonden er nauwelijks tentamen en lessen op het programma voor Florian. Zijn studie bestond vooral uit groepsprojecten. En dat maakt het voor hem lastig om routine te vinden. “Ik wéét dat ik bijvoorbeeld beter een schema van negen tot vijf kan hebben. En dat wil ik ook, maar het is makkelijker gezegd dan gedaan. Ik heb bijvoorbeeld geen vaste vergadering of vaste lessen om mijn dagen omheen te bouwen.”Om de motivatie en structuur er nog zo veel mogelijk in te houden, maakt Florian nu uitgebreide to-do lijsten. Grotere taken breekt hij op in kleine stukjes.

 

Voor Florian lijken de dagen door de coronacrisis een lange aaneengesloten brei. “Er is geen scheiding meer tussen werk en weekend, geen scheiding tussen overdag en avond. Dat vind ik stressvol. Als student is het sowieso al moeilijk om je studie zo nu en dan ‘uit’ te zetten in je hoofd. Nu lukt dit helemaal niet meer.”

Florian probeert af en toe met een vriend te wandelen. Andere Delftse studenten ziet hij alleen online. En dat is toch niet hetzelfde als iemand in het echt zien. “Het is moeilijk om digitaal een écht gesprek te voeren.”

Binnenkort begint hij met zijn masterscriptie. Hij vraagt zich af of hij dan nog wel in Delft wil wonen. “Een masterthesis betekent voor mijn studie dat ik vooral veel uren ga maken achter mijn laptop. Dat kan ik net zo goed bij mijn ouders doen. Het is niet alleen goedkoper om bij ze te wonen, maar ik heb ook meer ruimte daar. Van veel buitenlandse studenten om me heen hoor ik dat ze met dezelfde kwestie worstelen. Het zou mooi zijn als de universiteit hier een duidelijk standpunt over zou innemen.”

‘Ik ken geen enkele docent of medestudent’

(Eigen foto Mayukh Sarkar)
(Eigen foto Mayukh Sarkar)

Vanwege zijn hoge cijfers in India kon masterstudent luchtvaart- en ruimtevaarttechniek Mayukh Sarkar afgelopen zomer uit meerdere buitenlandse universiteiten kiezen. Hij had naar de Verenigde Staten kunnen gaan. Of naar het Verenigd Koninkrijk. Maar hij koos voor Delft. “In augustus leek het er namelijk op alsof Nederland de coronacrisis het snelst buiten de deur zou hebben en ik daar de beste college experience zou krijgen.”

 

Maar nu? Nu zit hij de hele dag op zijn studentenkamer in Delft achter zijn laptop. Sterker nog, Mayukh heeft nog geen enkele les gehad op de campus van de TU Delft. En daardoor ziet hij weinig andere mensen. “Ik ken geen enkele klasgenoot. En van mijn professoren zie ik alleen hun initialen. Ik ken hen niet en zij kennen mij niet.” 

 

Terwijl die college's voor Mayukh juist de belangrijkste reden waren om naar het buitenland te gaan. “Studeren is voor mij meer dan een papiertje halen. Het is naar de campus gaan, nieuwe vrienden maken, kletsen met klasgenoten, je docenten zien.” Eigenlijk alles wat buiten de reguliere lessen om gaat dus. “Ik ben een enorm sociaal persoon, dus ik had me er juist op verheugd hier een nieuwe leven in te kunnen duiken.”

Mayukh begon ambitieus aan zijn tijd in Delft. Hij haalt graag goede cijfers, maar hij vindt het steeds moeilijker om gemotiveerd te blijven. “Normaal zie je studenten om je heen studeren. En op de campus word je constant herinnerd aan waar je het voor doet. Maar als je constant op je kamer moet zitten, zijn al die positieve prikkels er niet.”

Wat voor hem een oplossing zou zijn? “Meer campusdagen”, zegt hij resoluut. Zijn voormalige studiegenoten uit India, die voornamelijk in de Verenigde Staten zijn neergestreken, hebben een klein percentage van hun lessen op de campus. Coronaproof uiteraard. Waarom kan dat niet in Nederland, vraagt hij zich af? “Dan krijg ik toch nog veel positieve prikkels mee. Van studiegenoten. Van de omgeving. En van docenten.”

 

Heb jij hulp nodig?

  • Je kunt de studentpsychologen van de TU Delft bereiken via psychologen@tudelft.nl. De wachttijd is momenteel acht tot tien weken, maar er is ook een dagelijks inloopspreekuur.
  • Online hebben de studentpsychologen tips en tools gepubliceerd over studeren tijdens de coronacrisis, waaronder een pagina over hoe je psychische problemen herkent.
  • Motiv biedt zelfhulpgroepen, individuele gesprekken en een student support-lijn.
  • Je kunt contact opnemen met Slachtofferhulp op 0900-0101.
  • Denk je aan zelfmoord en wil je nu contact? Bel of chat anoniem met 113
  • Maak je je zorgen om iemand in je omgeving? Neem dan contact op met ‘Meldpunt Bezorgd’, via 0900 040 040 5 of de website. Deze zorg is bestemd voor mensen die in Delft wonen. Maak je je zorgen om iemand van buiten Delft? Neem dan contact op met 112 of 113.

Marjolein van der Veldt/ Annebelle de Bruijn