Hoe zullen het onderwijs en onderzoek van de TU Delft eruitzien na corona, vraagt columnist Claudia Werker zich af.
Claudia Werker: “Mensen die veel thuis werken maken minder kans op promotie – ook al zijn ze productiever.” (Foto: Cok Francken)

Hoe zullen het onderwijs en onderzoek van de TU Delft eruitzien na corona, vraagt columnist Claudia Werker zich af.

Read in English

In de ochtend vergader ik even met de collega in Australië. Daarna geef ik een hoorcollege bij de TU Delft. In de namiddag begeleid ik masterstudenten en een promovendus. Daartussen praat ik nog met een collega in Delft en eentje in Duitsland. In de late namiddag stel ik een nieuw paper bij een seminarreeks voor die in de VS plaatsvindt. En ’s avonds ben ik nog op tijd om een lekker dinertje en een film met mijn gezin mee te pikken. Het kan allemaal in deze rare tijden.

Moeten we ook na de covid 19-pandemie persoonlijke door digitale ontmoetingen vervangen? Zo’n aanpak heeft belangrijke voordelen: studenten en medewerkers veroorzaken veel verkeer. Dat weegt niet alleen zwaar op hun ecologische voetafdruk maar kost ook veel tijd en energie. Tegelijkertijd missen we de persoonlijke contacten tijdens werkuren.

Tijdens het afgelopen jaar gingen hoor- en instructiecolleges en ook de scriptiebegeleiding bijna volledig online door. Nog meer dan voorheen heb ik blended learning gebruikt. Hierbij moeten studenten zich voorbereiden op basis van het materiaal dat we ter beschikking stellen. Het hoorcollege zelf dient in eerste instantie om vragen te stellen. Terwijl studenten dat op zich graag doen, voelen ze zich vaak ongemakkelijk als dat in een grote groep en dan ook nog digitaal moet. Tegelijkertijd voelen ze zich wel comfortabel om hun vragen tijdens digitale spreekuren een-op-een te stellen. Bij de scriptiebegeleiding van bachelor-, masterstudenten en promovendi werkt online begeleiding alleen goed als het project redelijk vlot verloopt. Bij problemen met een stageplek, leerstijl of op persoonlijk vlak helpt het enorm om studenten persoonlijk te kunnen spreken. Dan kan ik hen een kopje thee of koffie – en zo nodig een zakdoek – aanbieden.

Terwijl onderzoek in labs on-campus moet plaatsvinden, kan ander soort onderzoek in principe wel digitaal. Echter kunnen onderzoekers persoonlijke ontmoetingen niet volledig door digitale vervangen. Bij ervaren onderzoekers die elkaar al persoonlijk kennen gaat dit gemakkelijker dan bij beginnende, of onderzoekers die elkaar nog nooit hebben ontmoet.

Onderzoekers willen niet voor elke conferentie dagen van huis zijn

Hybride vormen van geplande onderzoeksbijeenkomsten zijn in trek. Voor komend najaar kiezen veel organisatoren van internationale conferenties voor deze vorm. Het is immers nog niet duidelijk of we ons dan al weer op de oude manier kunnen verplaatsen. Tegelijkertijd proef ik de wens van collega’s om dit (gedeeltelijk) aan te houden. Ze willen niet voor elke conferentie dagen van huis weg zijn – omdat ze kleine kinderen hebben of mantelzorgers zijn, omdat te veel ander werk blijft liggen, of omdat niet elke conferentie even belangrijk is. Ook voor werkoverleggen op de TU Delft merk ik deze tendens.

Is de ideale toekomst een mix van persoonlijke, digitale en hybride ontmoetingen? Het hangt ervan af hoe we het vorm geven. Er zijn valkuilen. Mensen die veel thuis werken maken minder kans op promotie – ook al zijn ze productiever. Als je medewerkers laat kiezen wie thuis wil werken dan melden zich vooral gehandicapten, mensen met kleine kinderen, mantelzorgers enz. Een vrij simpele oplossing is dat teams ervoor kiezen om op bepaalde dagen samen op de campus te zijn en op andere dagen niet. Dat verhoogt de productiviteit en zorgt voor voldoende persoonlijk contact. Hybride (internationale) bijeenkomsten zullen alleen werken als ook de digitale deelnemers er voldoende aan mee kunnen doen. Een van de uitdagingen na de pandemie zal zijn hoe we de ervaringen met thuiswerk en digitaal vergaderen omzetten. Het doel moet zijn om van de TU Delft een nog modernere en nog betere studie- en werkplek te maken waar iedereen zich thuis voelt.

Claudia Werker is universitair hoofddocent economie van technologie en innovatie bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management (TBM). Ze werkt sinds 2007 bij de TU Delft. Ze is vice-voorzitter van de ondernemingsraad.