Overslaan en naar de inhoud gaan
Conferentiebezoek moet ontmoedigd worden, vindt onze nieuwe columnist Menno Blaauw. Maar hoe?
"Van al die conferenties zou ik niet durven beweren dat ze aan mijn productie hebben bijgedragen. Niet echt." (Foto: Sam Rentmeester)

Conferentiebezoek moet ontmoedigd worden, vindt onze nieuwe columnist Menno Blaauw. Maar hoe?

Read in English

Groenlands ijs smelt conform het somberste IPCC-scenario met zo’n 300 gigaton per jaar. Slechter nieuws bestaat niet. De Europese Unie wil in 2050 CO2-neutraal zijn, en de TU Delft per 2030. Goed nieuws, we gaan op kop! En muziek in mijn oren als rabiate klimaatactivist. Onze magnifieke rector is zijn hele carrière al bezig met de energietransitie, en nu wordt dat beleid voor de TU. Of toch niet? In de begroting voor 2020 zien we het als ondernemingsraad nog niet terug: slecht nieuws.
Dienstvliegreizen leveren een grote bijdrage aan onze uitstoot, lezen we in de routekaart van Andy Dobbelsteen. Niet vliegen, en zeker niet onder de 700 kilometer. is het idee. Maar ja, die conferenties in het buitenland… die zijn toch onmisbaar? NIET dus. Ik zal er wat geselecteerde feiten bij halen om mijn uitspraak te staven.

Mijn ouders publiceerden tussen 1948 en 1988 zo’n 25 artikelen, mijn moeder zelfs één in Nature. Twee keer bezocht mijn vader een conferentie, in Oxford en Dresden, zonder er vrije dagen aan vast te plakken. De Rijksuniversiteit Utrecht betaalde toch slechts de helft van de reiskosten, omdat het reizen als een soort vakantie zag. Mijn moeder ging nooit, en haar carrière toont dus aan dat conferenties onnodig zijn.
Zelf heb ik tientallen conferenties bezocht en kwam geïnspireerd terug. Maar had ik het niet net zo goed allemaal in een wetenschappelijk tijdschrift kunnen lezen? Beter, efficiënter zelfs, omdat peer review dan het kaf van het koren had gescheiden? Conferentiebezoek is een laagdrempelige manier om een artikel gepubliceerd te krijgen, maar is dat geen laffe route omdat daar de peer review minder scherp is?

‘De TU kan het voorbeeld zijn voor andere universiteiten’

Conferentiebezoek kan zelfs tot kleine klimaatrampen leiden, zoals in mijn geval. In 1991 bezocht ik mijn eerste conferentie, in Wenen, met zijn allen in de nachttrein, zowel heen als terug. Prima tot zover. Maar daar ontmoette ik professor Fleming uit Ann Arbor, USA, waar ik in 1994 drie maanden doorbracht omdat we per se “internationale ervaring” op moeten doen in onze wetenschappelijke carrières. Dat lukte - ik ontmoette er mijn latere ex, met zo’n 30 ton CO2-uitstoot aan familiebezoek als gevolg, nog tot op de dag van vandaag fossiel doorstokend omdat mijn zoon haar driemaal per jaar bezoekt in Tampa. Daar kunnen de zonnepanelen op mijn dak en mijn autoloosheid niet tegen op. En wetenschappelijk? Van al die conferenties zou ik niet durven beweren dat ze aan mijn productie hebben bijgedragen. Niet echt.

Ik stel dus voor conferentiebezoek te ontmoedigen. Echt nodig was het nooit, overbodig geworden zelfs, nu elke zichzelf respecterende wetenschapper een 50-inch-scherm aan de muur heeft hangen om met collega’s te teleconfereren. De TU Delft kan mooi het voorbeeld zijn voor de andere Nederlandse universiteiten, en de rest van de wereld zal volgen. Maar hoe?

De hardste optie, simpel verbieden, zou tot het vertrek van Delftse wetenschappers naar andere werkgevers kunnen leiden. Hetzelfde argument wordt ook tegen CO2-belasting voor bedrijven aangevoerd. Maar wacht - het zou ook goede wetenschappers aan kunnen trekken. “Goed” omdat ze aan hun kinderen en kleinkinderen kunnen vertellen dat ze “goed” waren in de strijd tegen klimaatverandering.

Een andere keiharde maatregel zou zijn om de conferentiegangers te verplichten een rapport te schrijven over het geleerde, en dat aantoonbaar met de collega’s in Delft te delen voordat de reiskosten vergoed worden. Dat past bij zelflerende organisaties.

Conferentiedagen als verlofdagen tellen zou minder hard zijn. Oeps, onee, de doelgroep zou juist zijn kans schoon zien om op die manier van zijn verlofdagenstuwmeer af te komen. Werken en verlofdagen afboeken tegelijk, dat vindt de rechtgeaarde workaholic - die je moet zijn om wetenschapper te kunnen worden in onze antidiverse machocultuur - juist fijn.

Dan toch de financiële prikkel maar, zoals in mijn ouders tijd? De helft zelf betalen? Of alles? Of alleen de conferentiebijdrage? Of het prijsverschil tussen hotel en camping?

Ideeën en mogelijkheden genoeg, kortom. Wat gaan het college van bestuur en de ondernemingsraad ermee doen? We zullen zien... maar laten we geen internationale conferentie organiseren over dit of welk ander onderwerp dan ook!

Dr. Menno Blaauw is programmamanager integraal management systeem bij het Reactorinstituut. Eerder werkte hij er 20 jaar als wetenschappelijk onderzoeker. Ook is hij lid van de ondernemingsraad.

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe