Waarom geven we eigenlijk cijfers, vraagt columnist Bob van Vliet zich af. Hoe langer hij erover nadenkt, hoe minder goede redenen hij ziet.
Bob van Vliet: “Als motivatiemiddel is het beoordelen van studenten op een schaal van 1 tot 10 vaak contraproductief.” (Foto: Sam Rentmeester)

Waarom geven we eigenlijk cijfers, vraagt columnist Bob van Vliet zich af. Hoe langer hij erover nadenkt, hoe minder goede redenen hij ziet.

Read in English

Waarom geven we eigenlijk cijfers? Cijfers zijn zó’n standaard onderdeel van ons onderwijs dat die vraag bijna nooit aan de orde is. Maar hoe langer ik erover nadenk, hoe minder goede redenen ik zie.

Efficiënt is het in ieder geval niet. Ik zie meestal snel of een resultaat voldoende begrip van de materie toont, en wat de belangrijkste lessen zijn die een student eruit zou moeten meenemen. Maar om daarna alle resultaten ‘eerlijk’ ten opzichte van elkaar te rangschikken, kost veel extra tijd. En wat koop je daar eigenlijk voor?

Als feedback is een cijfer weinig informatief. Ik schreef eerder al eens hoe frustrerend ik het vind dat we al onze genuanceerde oordelen over de verschillen tussen het werk van studenten verstoppen achter dat ene eendimensionale getal. Cijfers zijn ook weinig betrouwbaar als maat voor wat er echt blijft hangen van een vak. ‘High stakes’ toetsen als tentamens en projectdeadlines werken vormen van onderwijs en studie in de hand die vooral op de korte termijn effectief zijn. Ook daarover schreef ik al eerder.

Als motivatiemiddel is het beoordelen van studenten op een schaal van 1 tot 10 vaak contraproductief. Cijfers kunnen goed werken als van beloning of als straf. Maar die extrinsieke motivatie zit het ontwikkelen van intrinsieke motivatie en een zelfstandige werkhouding al snel in de weg. We willen dat onze studenten hun eigen werk kritisch leren beoordelen. De beste manier om dat te doen is door veel te oefenen met het beoordelen van eigen werk. Maar het is moeilijk om studenten dat oprecht te laten doen wanneer het uiteindelijk óns oordeel is dat telt.

Steeds meer wetenschap laat zien hoe negatief het effect van cijfers kan zijn

Ik las en luisterde het afgelopen jaar veel over ‘ungrading’ – over onderwijs met minder of helemaal zonder cijfers. Het werk van Jesse Stommel, bijvoorbeeld, van Susan Blum, en Peter Elbow. Het voelde allemaal een beetje eenzaam. De beweging rond ontcijferen leek een nogal Amerikaans en Engelstalig feestje. Even dacht ik dat ik de enige gekkie was die hier in Delft mee bezig was. Gelukkig bleek dat in een gesprek bij de weekly webinar van onze Teaching Academy niet helemaal zo te zijn.

Er wordt op het moment veel gesproken over het anders organiseren van het onderwijs. We worden allemaal al twee jaar lang gedwongen om ons werk radicaal anders aan te pakken, om andere technieken toe te passen. Die ervaring dwingt tot reflectie. Maar het geven van cijfers is óók een techniek. Een keuze. Een gewoonte. Het kan anders. En daar is weinig tot geen collectieve reflectie over. Terwijl er steeds meer wetenschap is die laat zien hoe negatief het effect van cijfers kan zijn.

Wat willen we straks weer in een zaal doen zoals altijd de standaard was, en wat blijven we online doen? Als we het onderwijs echt radicaal willen vernieuwen en verrijken, moeten we daar een vraag aan toevoegen. Waarvoor blijven we cijfers geven zoals de standaard is, en wanneer kunnen het beter anders doen?

Tevens ben ik van mening dat een universiteit geen eredoctoraten moet verlenen aan actieve politici.

Bob van Vliet is docent bij de faculteit 3mE en gespecialiseerd in ontwerponderwijs. Reacties zijn welkom via B.vanVliet@tudelft.nl.