Opinie

[Column] Linoleum en zweet

Bachelorstudent Boudewijn de Roode heeft een bijbaan als leraar en hij lijkt er goed in te zijn. “Nog nooit heb ik in zo’n korte tijd zo veel staten van wanhoop, geluk, twijfel, ongenoegen en voldoening doorgemaakt.”

(Foto: Sam Rentmeester)

“Ik heb nog nooit voor de klas gestaan, ik denk gewoon dat ik het leuk vind.” Zo luidde kortweg mijn sollicitatie bij het detacheringsbureau. Een dag later ontving ik een mailtje met felicitaties dat ik was aangenomen en details over een Lenteschool-project in Rotterdam-Zuid, over twee weken. Een lenteschool is een soort strafkamp voor leerlingen die achterlopen. Tijdens de meivakantie moeten ze dan enkele dagen in groepen van tien leerlingen een of twee vakken volgen waarin ze bijgeschoold worden door een (ongeschoold) vakdocent.


Voor ik goed en wel verwerkt had waar ik op had gesolliciteerd, stond de kick-off voor de deur. Zelfs een onbekend schoolgebouw heeft die typische ‘schoolgeur’. Linoleum, hormonen en zweet. Uiteindelijk meende ik de docentenkamer te hebben gevonden: “Lenteschool?” “Yep.” Tijdens de rondleiding was ik al twee keer wezen plassen, maar toen mijn naam werd geroepen om mijn leerlingen te verzamelen voor de korte kennismaking realiseerde ik me pas echt hoe zenuwachtig ik was. Dit eerste half uur als leraar was gelukkig een groot succes; Ik ben niet in paniek de klas uit gerend, ze bleven bijna allemaal zitten en ze leken zelfs even naar me te hebben geluisterd. Dan morgen drie uur lang écht lesgeven.


Na dag één was ik fysiek gesloopt en sociaal uitgeknepen 


Je kunt je voorbereiden op de lesstof, maar geen studie pedagogie bereidt je voor op het gladde ijs van lesgeven. De sfeer in de les en de houding van de leerlingen zijn een volledige reflectie van je eigen houding en gedrag. Heb je de neiging chaotisch te zijn? Bereid je maar voor op chaos. Duld je geen tegenspraak? Succes daarmee. Bovendien voelen leerlingen haarfijn aan wanneer je aandacht afglijdt of wanneer je grip op de teugels verslapt. Het omgekeerde is ook waar. Als jij enthousiast omspringt met de leerlingen krijg je enthousiasme terug, als jij positieve energie met je meedraagt krijg je ook positieve energie terug.


Na dag één was ik fysiek gesloopt en sociaal uitgeknepen. Acht vmbo’ers drie uur lang aan het werk proberen te houden kost 24 uur aan energie. Op dag twee besloot ik klassikaal sommen te doorlopen en ze minder zelfstandig aan het werk te zetten. De kinderen waren enthousiast over mijn vastberadenheid om hun iets te leren. De nonchalante en ongeïnteresseerde leerlingen van de dag ervoor kwamen ineens vooraan zitten en begonnen aantekeningen te maken. Tegen het einde van dag twee kreeg ik unaniem te horen dat ze nog nooit zo veel hadden geleerd op één dag en na dag drie vroegen de leerlingen of ik kwam solliciteren op hun school. Als ik nog meer veren in mijn reet zou krijgen zou ik opstijgen.


Nog nooit heb ik in zo’n korte tijd zo veel staten van wanhoop, geluk, twijfel, ongenoegen en voldoening doorgemaakt, wat een fantastische baan was dit. Zou ik een hele klas ook overleven?


Boudewijn de Roode is bachelorstudent werktuigbouwkunde. 


Klik op de tag om de andere columns van Boudewijn de Roode te lezen.


Boudewijn de Roode / Student en columnist

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.