Overslaan en naar de inhoud gaan

De TU wil in aanbestedingsprocedures meer aandacht besteden ‘aan ethische criteria als mensenrechten’, zegt collegelid Anka Mulder. Volgens de Utrechtse hoogleraar aanbestedingsrecht Elisabetta Manunza is voor dit ‘enorme statement’ ‘geen juridisch veilige grond’.

Anka Mulder doet haar uitspraak na een gesprek op 19 september met de stichting Diensten en Onderzoek Centrum Palestina (DOCP). Actievoerders van deze groep protesteerden op 17 april en 2 september op de campus tegen G4S. Dat internationaal opererende bedrijf beveiligt delen van de TU en is ook actief in Israël en de Palestijnse gebieden. De DOCP beschuldigt G4S van ‘betrokkenheid bij bezetting en apartheid in Palestina’, aldus Egbert Harmsen, één van de aanwezigen bij het overleg in Delft.

Harmsen is ‘positief gestemd’ door het gesprek met Mulder en andere vertegenwoordigers van de universiteit. “De TU neemt onze bezwaren serieus. Het college van bestuur lijkt wakker geschud te zijn.” Volgens Harmsen heeft de TU G4S aangesproken op zijn werk in Israël en de Palestijnse gebieden, iets wat Mulder in een e-mail ontkent noch bevestigt.

Wel herhaalt Mulder wat zij tegen de DOCP zei: “Volgend jaar wordt het contract opnieuw aanbesteed. Dat betekent dat de voorbereidingen binnenkort starten. Wij willen inderdaad meer aandacht besteden aan ethische criteria als mensenrechten.” Daarmee valt G4S wat haar betreft niet automatisch buiten de boot: “Elke partij die voldoet aan de aanbestedingscriteria maakt een kans, G4S daarmee ook.”

Risico

De DOCP blijft de TU intussen volgen, laat Harmsen weten. De stichting heeft advies ingewonnen bij de Utrechtse hoogleraar internationaal en Europees aanbestedingsrecht Elisabetta Manunza. Zij zegt desgevraagd dat er ‘eigenlijk geen juridische veilige grond is’ om mensenrechtenschendingen te laten meewegen bij aanbestedingen. “De TU neemt hiermee een risico. Het geweerde bedrijf kan bij de rechter beroep aantekenen.”

Als de rechter zich strikt aan de wet houdt, loopt de zaak slecht af voor de TU. Wellicht ook als de universiteit een zijpad bewandelt. Het aanbestedingsrecht kent bijvoorbeeld de mogelijkheid voor de opdrachtgever om ‘bijzonder aanvullende voorwaarden’ te stellen aan bieders. Manunza: “Dat wordt veelvuldig gebruikt in het kader van ‘social return’. Beide partijen maken dan afspraken over het in dienst nemen van langdurig werklozen binnen een project. Justitie keurt dat alleen goed als het aanstellen van werklozen direct verband houdt met de opdracht. In het voorbeeld van de TU Delft en G4S zou je kunnen zeggen dat er geen direct verband is tussen mensenrechtenschendingen in Palestina en beveiligingswerk in Delft.”

Proefkonijn

Maar er speelt meer. Ten eerste hebben veel organisaties en bedrijven zich al gecommitteerd aan sociale eisen zonder dat de wet er iets over zegt. In het geval van ‘social return’ tekenen zij na een afwijzing meestal geen beroep aan, ook al hebben ze volgens de wet gelijk, aldus Manunza. “Bovendien, als we als samenleving zeggen oog te hebben voor grote problemen als energietekorten, klimaatverandering en armoede, dan lijken mensenrechten mij een gerelateerd probleem. Aanbestedingscriteria daaromtrent kunnen een preventieve werking hebben, waardoor bedrijven niet eens meer meedingen in een openbare aanbesteding.”

Komt het toch tot een gang naar de rechter, dan kan hij bovendien onverwachte dingen doen, zegt Manunza. “Wat is het verweer van de universiteit, wat is de bewijslast? Uiteindelijk moeten we de vraag beantwoorden in hoeverre we bereid zijn om mensenrechten te eerbiedigen. Ooit moet er een keer geprocedeerd worden om daarachter te komen. Het zou een mooi experiment zijn als de TU daartoe bereid was en de universiteit zou er een enorm statement mee maken. Het college van bestuur doet er goed aan zich af te vragen of het als proefkonijn wil dienen, ook financieel.”

Daarbij stelt Manunza de vraag of het effectief en proportioneel is om dit van de TU te verwachten. “Aan de andere kant, de wetgever zwijgt vooralsnog en de universiteit heeft een grote eigen bewegingsruimte.”

Politieke wil

Intussen kunnen lobbyisten zich gaan warmlopen. Dit najaar stemt het Europees Parlement over nieuwe aanbestedingsrichtlijnen, onder meer met betrekking tot duurzaamheid en sociale eisen. Mensenrechten komen er niet in voor. Maar nadat Europa de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen publiceert, hebben nationale overheden anderhalf jaar de tijd om ze te implementeren. “In die periode kan de wetgever onderzoeken of de richtlijnen ruimte bieden voor mensenrechten", vertelt Manunza. "Daar is politieke wil voor nodig. Naar mijn mening kan de implementatiefase gebruikt worden voor lobbywerk om die wil te kweken.” 
 

Krijg Delta updates

Click here to unsubscribe