De TU Delft leidt studenten op die kunnen werken in de game-industrie. Alleen naar buiten toe is dat niet zichtbaar genoeg. Dat zegt opleidingsdirecteur van technische informatica prof.dr.ir Erik Jansen, in reactie op de stelling van staatssecretaris Van Gennip van Economische Zaken vorige week, dat het hoger onderwijs op het gebied van games kansen laat liggen.

br />Jansen noemt de bacheloropleiding media en kennistechnologie als voorbeeld. "In het vierde semester zit daarin een uitgebreid gamesproject. Studenten ontwikkelen dan games." Verder wijst Jansen op de master media and knowledge engineering. "Ook daarin is aandacht voor games, maar dan vooral voor de technische kant ervan. Dus niet het grafische ontwerpen van een virtuele omgeving, maar wel het programmeren daarvan."Zou het niet beter zijn als studenten beide zouden leren? Jansen denkt van niet. "Een game ontwikkelen is een groot project waar een heel team aan werkt, ieder in zijn specialisme." Overigens is er volgens Jansen in de master media and knowledge engineering wel aandacht voor de artistieke kant van het maken van een game. "Met als doel dat je later kunt samenwerken."Jansen vindt het niet vreemd dat Van Gennip het hoger onderwijs oproept meer specialisten voor de game-industrie af te leveren. "Kent zij onze opleiding eigenlijk wel? Als ik game en opleiding intik op Google, krijg ik op de eerste pagina geen verwijzing naar onze site. Daar moeten we wat aan doen."Ook de site die scholieren enthousiast moet maken voor de bachelor media en kennistechnologie kan volgens Jansen beter. "Op de homepage zie ik het woord game niet voorkomen. Dat moet natuurlijk wel, want dat spreekt scholieren aan."Marco Krikke van de studievereniging van wiskunde en informatica Christiaan Huygens plaats daar een vraagteken bij. "Ik denk niet dat het animo om te gaan werken in de game-industrie onder studenten groot is. Mensen die dat willen, hebben zichzelf al alles geleerd." (SB)

Dat zegt opleidingsdirecteur van technische informatica prof.dr.ir Erik Jansen, in reactie op de stelling van staatssecretaris Van Gennip van Economische Zaken vorige week, dat het hoger onderwijs op het gebied van games kansen laat liggen.Jansen noemt de bacheloropleiding media en kennistechnologie als voorbeeld. "In het vierde semester zit daarin een uitgebreid gamesproject. Studenten ontwikkelen dan games." Verder wijst Jansen op de master media and knowledge engineering. "Ook daarin is aandacht voor games, maar dan vooral voor de technische kant ervan. Dus niet het grafische ontwerpen van een virtuele omgeving, maar wel het programmeren daarvan."Zou het niet beter zijn als studenten beide zouden leren? Jansen denkt van niet. "Een game ontwikkelen is een groot project waar een heel team aan werkt, ieder in zijn specialisme." Overigens is er volgens Jansen in de master media and knowledge engineering wel aandacht voor de artistieke kant van het maken van een game. "Met als doel dat je later kunt samenwerken."Jansen vindt het niet vreemd dat Van Gennip het hoger onderwijs oproept meer specialisten voor de game-industrie af te leveren. "Kent zij onze opleiding eigenlijk wel? Als ik game en opleiding intik op Google, krijg ik op de eerste pagina geen verwijzing naar onze site. Daar moeten we wat aan doen."Ook de site die scholieren enthousiast moet maken voor de bachelor media en kennistechnologie kan volgens Jansen beter. "Op de homepage zie ik het woord game niet voorkomen. Dat moet natuurlijk wel, want dat spreekt scholieren aan."Marco Krikke van de studievereniging van wiskunde en informatica Christiaan Huygens plaats daar een vraagteken bij. "Ik denk niet dat het animo om te gaan werken in de game-industrie onder studenten groot is. Mensen die dat willen, hebben zichzelf al alles geleerd." (SB)