Ethische profielen

Naam: Drs. Noëmi Manders-Huits (31)
Nationaliteit: Nederlandse
Promotor: Prof.dr. Jeroen van den Hoven (Techniek, Bestuur en Management)
Onderwerp: Vanuit ethisch perspectief informeren van ontwerp van informatietechnologie
Tussenstand: Halverwege

,

“Steeds meer mensen maken profielen op sites als Hyves en Second Life. Tegelijkertijd maken ook overheid en commerciële bedrijven profielen van mensen door middel van bijvoorbeeld de OV-chipkaart, de AH-bonuskaart en het elektronisch patiëntendossier. Ik onderzoek hoe men in de informatietechnologie, vooral bij identiteitsmanagement- en profieltechnologie, het concept identiteit moet begrijpen en wat wij daaraan belangrijk vinden.
Twee jaar geleden ben ik bij een gesprek geweest tussen onder meer patiëntenorganisaties en ambtenaren over het elektronisch patiëntendossier, dat onlangs is ingesteld. Ik heb een probleem met dit soort grote dossiers. Daarin worden namelijk enorm veel gegevens centraal opgeslagen en dat is gevaarlijk. Er zijn altijd partijen die veel belang hebben bij dit soort informatie, denk aan verzekeraars, en het maakt degene over wie het gaat, de patiënt bijvoorbeeld, kwetsbaar. Regelmatig raken gegevens kwijt, of worden ze niet goed (genoeg) beveiligd.
Dit soort zaken raakt aan mijn onderzoek. Maar mijn onderzoek is eigenlijk heel abstract filosofisch. Ik kijk er naar wat identiteit is en wat daarvan beschermwaardig is. Ik analyseer ook wat persoonsgegevens precies zijn. En hoe mensen het ervaren als ze verschillende soorten (morele) schade oplopen door profielen die van ze gemaakt zijn. Stel dat je op basis van een profiel niet kredietwaardig wordt geacht, dan kun je geen hypotheek krijgen. Dat kan door mensen als onrechtvaardig worden beschouwd. Ik onderzoek dit vooral aan de hand van filosofisch literatuuronderzoek.
Ik denk dat informatietechnologie ook een fantastisch middel is. De mate waarin het informatie kan verwerken, opslaan en koppelen gaat menselijke vermogens ver te boven. Parallel aan het elektronisch kinddossier wordt gebruik gemaakt van de Verwijsindex. Dat vind ik een prachtig idee. Diverse partijen zoals artsen, de politie en scholen, geven in dit systeem signalen af als het niet goed gaat met een kind. Als er over een kind meerdere signalen binnenkomen, dan worden deze partijen met elkaar in contact gebracht en wordt het verder onderzocht. Blijkt er niets aan de hand te zijn, dan worden de gegevens gewist. Is er wel iets ergs aan de hand, dan kan men ingrijpen. Dit kan dramatische toestanden van de afgelopen jaren rond mishandeling van kinderen voorkomen. Maar de mogelijkheden van de informatietechnologie moeten er niet voor zorgen dat we alles aan alles koppelen, want dan schiet het zijn doel voorbij.
Ik zal uiteindelijk opschrijven welke waarden met betrekking tot de identiteit van personen belangrijk zijn vanuit een moreel perspectief. Zodat de vormgevers van informatietechnologieën deze waarden kunnen inbouwen in hun ontwerp. Dan moet je denken aan waarden als het recht op vergetelheid, zodat een drinkende vader in je dossier je niet blijft achtervolgen als je daar geen last van hebt.”

(Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)
(Foto: Hans Stakelbeek/FMAX)

Naam: Drs. Noëmi Manders-Huits (31)
Nationaliteit: Nederlandse
Promotor: Prof.dr. Jeroen van den Hoven (Techniek, Bestuur en Management)
Onderwerp: Vanuit ethisch perspectief informeren van ontwerp van informatietechnologie
Tussenstand: Halverwege

“Steeds meer mensen maken profielen op sites als Hyves en Second Life. Tegelijkertijd maken ook overheid en commerciële bedrijven profielen van mensen door middel van bijvoorbeeld de OV-chipkaart, de AH-bonuskaart en het elektronisch patiëntendossier. Ik onderzoek hoe men in de informatietechnologie, vooral bij identiteitsmanagement- en profieltechnologie, het concept identiteit moet begrijpen en wat wij daaraan belangrijk vinden.
Twee jaar geleden ben ik bij een gesprek geweest tussen onder meer patiëntenorganisaties en ambtenaren over het elektronisch patiëntendossier, dat onlangs is ingesteld. Ik heb een probleem met dit soort grote dossiers. Daarin worden namelijk enorm veel gegevens centraal opgeslagen en dat is gevaarlijk. Er zijn altijd partijen die veel belang hebben bij dit soort informatie, denk aan verzekeraars, en het maakt degene over wie het gaat, de patiënt bijvoorbeeld, kwetsbaar. Regelmatig raken gegevens kwijt, of worden ze niet goed (genoeg) beveiligd.
Dit soort zaken raakt aan mijn onderzoek. Maar mijn onderzoek is eigenlijk heel abstract filosofisch. Ik kijk er naar wat identiteit is en wat daarvan beschermwaardig is. Ik analyseer ook wat persoonsgegevens precies zijn. En hoe mensen het ervaren als ze verschillende soorten (morele) schade oplopen door profielen die van ze gemaakt zijn. Stel dat je op basis van een profiel niet kredietwaardig wordt geacht, dan kun je geen hypotheek krijgen. Dat kan door mensen als onrechtvaardig worden beschouwd. Ik onderzoek dit vooral aan de hand van filosofisch literatuuronderzoek.
Ik denk dat informatietechnologie ook een fantastisch middel is. De mate waarin het informatie kan verwerken, opslaan en koppelen gaat menselijke vermogens ver te boven. Parallel aan het elektronisch kinddossier wordt gebruik gemaakt van de Verwijsindex. Dat vind ik een prachtig idee. Diverse partijen zoals artsen, de politie en scholen, geven in dit systeem signalen af als het niet goed gaat met een kind. Als er over een kind meerdere signalen binnenkomen, dan worden deze partijen met elkaar in contact gebracht en wordt het verder onderzocht. Blijkt er niets aan de hand te zijn, dan worden de gegevens gewist. Is er wel iets ergs aan de hand, dan kan men ingrijpen. Dit kan dramatische toestanden van de afgelopen jaren rond mishandeling van kinderen voorkomen. Maar de mogelijkheden van de informatietechnologie moeten er niet voor zorgen dat we alles aan alles koppelen, want dan schiet het zijn doel voorbij.
Ik zal uiteindelijk opschrijven welke waarden met betrekking tot de identiteit van personen belangrijk zijn vanuit een moreel perspectief. Zodat de vormgevers van informatietechnologieën deze waarden kunnen inbouwen in hun ontwerp. Dan moet je denken aan waarden als het recht op vergetelheid, zodat een drinkende vader in je dossier je niet blijft achtervolgen als je daar geen last van hebt.”


30 juni 2014

Crowdsourcing for live maps

Crowdsourcing for live maps GPS-tracks from volunteers can be used to improve maps. In the future, maps may even go live: displaying what’s taking place at the very moment. Master student Karl van der Winden pioneered the auto-updating of geographical information.
30 juni 2014

Award for sun shade design

Award for sun shade design A team of young architects from TU Delft won second place at the international Velux International Design awards. Anneloes de Koff and Iris van den Brink, both MSc students in the Faculty of Architecture, won the award for their sun shade ...

30 juni 2014

Leuk bedacht: ornicopter

Leuk bedacht: ornicopter Delta bericht regelmatig over innovatieve ideeën. Maar wat is daar een paar jaar later van terechtgekomen? Hoe staat het bijvoorbeeld met de ornicopter van prof.dr.ir. Theo van Holten?
30 juni 2014

Hé, buurvrouw!

Hé, buurvrouw! Zie jij nog wel eens gezellig keuvelende ouderen op een bankje zitten? Bewoners van de gemiddelde groeistad en Vinex-wijk niet. Die bankjes staan er namelijk niet meer. Stedenbouwkundige Rochelle Wolvers onderzocht hoe je ouderen toch kunt ...

24 juni 2014

33 shades of sustainability

33 shades of sustainability Sustainability is business since municipalities demand contractors to deliver 'extra value' in terms of sustainable performance of tunnels for instance.
24 juni 2014

Improving sail-assisted cargo ships

Improving sail-assisted cargo ships The Ecoliner is a sail-assisted cargoship under design at Dykstra naval architects. Master student Emiel Mobron optimised the hull for motorsailing.

  Meer